Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Wat zegt de inkoopmanagersindex PMI?

De Nevi PMI (purchasing managers’ index) of – op zijn Nederlands – de inkoopmanagersindex, steeg van 48.3 in december naar 49.9 in januari. Nevi bracht dit nieuws met de vermelding dat er nog steeds krimp is in de Nederlandse productiesector, maar dat deze bijna verwaarloosbaar is. De inkopersvereniging maakt de Nevi PMI maandelijks bekend. Wat houdt deze index eigenlijk in en wat is de betekenis ervan?

Iedere eerste werkdag van de maand publiceert Nevi de Nevi PMI (in dit artikel verder PMI genoemd) voor Nederland. Dit indexcijfer geeft het vertrouwen weer van inkoopmanagers in de economie. Het doel van de PMI is volgens Nevi ‘om informatie te verstrekken over huidige en toekomstige zakelijke voorwaarden aan inkoopmanagers, besluitvormers en investeerders van bedrijven’. Inkopers kunnen de gegevens uit de PMI gebruiken als onderbouwing voor inkoopkeuzes. “Het is een tool voor inkoopprofessionals om hun werk beter te doen. Nevi richt zich op ondersteuning van inkoopprofessionals en dit past daarin”, licht Nevi bij navraag toe.

Invloedrijke inkopers
Door het volgen van de inkooptrends geeft de PMI volgens Nevi een actueel beeld van de economische ontwikkeling van de Nederlandse productiesector. De PMI loopt meestal vooruit op veranderingen in de economische activiteit en productie. Financiële deskundigen en media beschouwen de ontwikkeling en beweging van de PMI dan ook als een belangrijke factor in de economie.

Volgens Nevi hebben inkopers veel invloed op onze economie. Emeritus Nevi hoogleraar Arjan van Weele onderstreept dit in een filmpje op de site van de inkopersvereniging: “Zetten inkopers meer contracten in de markt, dan hebben leveranciers en bedrijven het drukker. Als inkopers minder contracten afsluiten dan hebben bedrijven minder te doen.” Alle reden dus volgens Van Weele om inkopers goed in de gaten te houden. “De PMI houdt in dat we maandelijks het gedrag van inkopers in de praktijk volgen op basis van werkelijke cijfers. Inkopers rapporteren maandelijks de contracten die ze in de markt hebben gezet, de prijsniveaus waartegen ze contracten hebben afgesloten, de voorraad die ze hebben zien toe- of afnemen en de werkgelegenheid in hun bedrijf. Het is een uniek instrument om de economische ontwikkeling te volgen en geeft betrouwbare informatie over de economie.” 

400 bedrijven
Internationaal gezien zijn de belangrijkste bepalers van PMI’s het Institute for Supply Management (ISM), het Singapore Institute of Purchasing and Materials Management (SIPMM) en IHS Markit. De Nederlandse PMI wordt samengesteld door IHS Markit. De basis daarbij is een enquête onder een volgens IHS Markit representatief panel van ongeveer 400 bedrijven in de Nederlandse industrie. Dit panel is onderverdeeld op basis van het bruto binnenlands product (BBP) en het aantal werknemers. De respondenten krijgen vragen over productie, nieuwe orders, exportorders, ingekocht materiaal, inkoopprijs, werkgelegenheid, levertijden, voorraad ingekocht materiaal en voorraad gereed product.

De PMI-score ligt op, onder of boven de 50. Bij een PMI van 50 heeft er geen verandering plaatsgevonden. Is de inkoopmanagersindex lager dan 50, dan wijst dat op een dalende economische groei met de inschatting dat de productie en activiteiten afnemen. Ligt de PMI boven de 50, dan duidt dat op een groeiende economie en meer vertrouwen. Hoe meer de index verschilt van 50, hoe meer de economie verandert.

De rekenformule voor de PMI is: PMI = (P1 * 1) + (P2 * 0,5) + (P3 * 0)

Hierbij is:

P1 = percentage antwoorden dat een verbetering meldt

P2 = percentage antwoorden dat geen wijziging meldt

P3 = percentage antwoorden dat een verslechtering meldt.

De Nevi PMI bestaat uit negen deelindexen. Het gaat daarbij om het aantal exportorders, de werkgelegenheid, de voorraden ingekocht materiaal en gereed product, de hoeveelheid ingekocht materiaal, de levertijden, de inkoopprijs, het aantal nieuwe orders en de productiecijfers. Daarnaast geeft de PMI een overzicht van prijsdalingen en –stijgingen per grondstof of productgroep. Nevi legt uit dat de deelindexen een tendens weergeven. Daarnaast geeft de grondstoffenpagina informatie over de ontwikkelingen van grondstoffen die voor inkopers van belang zijn.

Deelnemerspanel
Henk Schiere is senior strategic buyer bij Apollo Vredestein. Hij vertelt op de site van Nevi dat hij de informatie uit de PMI onder andere gebruikt om de interne stakeholders te informeren. Daarnaast doet Schiere bijvoorbeeld een beroep op de informatie uit de PMI bij gesprekken met leveranciers, als hij denkt dat er een voorraadtekort dreigt. Vanwege kostenafwegingen besteedt Apollo Vredestein meer uit, waardoor het steeds afhankelijker wordt van leveranciers. “Daarom is het nog belangrijker dat wij goed weten wat er in de markt gebeurt, zodat we daar vroegtijdig op kunnen inspelen”, legt Schiere uit.

Schiere is blij met de informatie die de PMI hem biedt. “Natuurlijk kun je ook veel marktinformatie online vinden, maar je moet je altijd afvragen wat de kwaliteit daarvan is. Bovendien kost dergelijk eigen research veel tijd. De PMI geeft een gedegen overzicht van de ontwikkeling in de Nederlandse industrie en de prijsontwikkelingen in een heel breed scala aan productgroepen.”

Een kanttekening van hem is dat de 400 bedrijven die de data voor de PMI aanleveren anoniem zijn. “Ik zou wel graag willen weten hoeveel bedrijven zich op de inkoopcategorieën richten die ook voor ons interessant zijn en hoe groot het inkoopvolume van die bedrijven is. Want uiteindelijk bepaalt dat natuurlijk de echte waarde van dit instrument.”

Volgens Nevi is een specificatie van de inkoopmanagersindex niet mogelijk. “De PMI wordt gemaakt door IHS Markit. Nevi heeft daar geen invloed op. Het is een van de vele PMI’s die IHS Markit maakt. Dat gebeurt allemaal volgens hetzelfde systeem. We hebben bijvoorbeeld gekeken of duurzaamheid er in naar voren kon komen, maar dat was niet mogelijk. Nevi gaat ook niet over het deelnemerspanel. We weten niet wie daarin zitten. Dat kan ook niet, omdat het om een onafhankelijk instrument en onderzoek gaat.”

Belangrijke economische indicator
Maarten Erasmus, managing consultant bij  inkoopdienstverlener Emeritor, denkt niet dat de PMI van veel waarde is voor inkopers zelf. “Als algemeen cijfer over groei of krimp per sector is hij veel te grof. De inkoop van materialen vraagt om veel specifiekere informatie die afhangt van de branche. Inkopers doen daarom liever een beroep op branchespecifieke indexen. Het gaat om indexen waarvoor de inkopers in de branche cijfers aanleveren, die daarna in algemene vorm worden gedeeld met de andere deelnemers.” Daarom is het volgens Erasmus niet logisch dat NEVI zich inspant om de PMI wereldkundig te maken, omdat de leden er weinig aan hebben. “Overigens hebben inkopers natuurlijk wel informatie die interessant is voor andere inkopers. Maar die delen zij niet. Om tactische redenen. De echt interessante informatie blijft onder de pet.”

Erasmus ontkent niet dat de Nederlandse PMI een van de belangrijkste indicatoren voor onze economie is. “Zo hanteren banken de index bijvoorbeeld bij het bepalen van de rentevoet. Daarnaast is het een vroege economische voorspeller. Plaatsen inkopers in de industrie meer orders, dan kun je erop rekenen dat de productie en verkopen gaan stijgen. De PMI is gebaseerd op feiten en is daarmee niet alleen een vroege, maar ook een betrouwbare indicator.” Hij meent dan ook dat de PMI vooral interessant is voor economen, investeerders en beleggers, maar niet voor de oorspronkelijke doelgroep, de inkoopmanagers.

Nevi beklemtoont dat het bij PMI om een instrument vanuit inkoop gaat over wat de markt gaat doen. “De inkoper ziet op het eigen bureau wat de trends zijn en wat de grondstoffen gaan doen. Daarnaast kan de afdeling inkoop er de algemene ontwikkelingen op inkoopgebied mee laten zien aan het management.”

Dit overtuigt Erasmus niet. “Voor specifieke ontwikkelingen zijn er speciale indexen (bijvoorbeeld voor grondstoffen) die inkopers kunnen volgen in plaats van de PMI. Ik kan me ook niet voorstellen dat het management zit te wachten op een overzicht van de algemene ontwikkelingen op inkoopgebied. De index geeft een belangrijk inzicht aan economen, maar niet aan inkopers.”

Inzicht in trends
De waarde van de PMI lijkt vooral te liggen in de trends op het gebied van economie en inkoop die de inkoopmanagersindex laat zien. Vooral voor economen is het een belangrijk instrument om te kijken waar het met de economie naar toe gaat. Aan inkopers geeft het met name een algemeen beeld. Zij kunnen de PMI in combinatie met branche- en bedrijfsspecifieke informatie gebruiken om hun beleid voor de komende periode te bepalen.    

Partner van Inkoperscafé
Partner van Inkoperscafé

Reacties

Partner van Inkoperscafé
Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres