Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Inkoop is meer dan exacte wetenschap

Er zijn meer overeenkomsten dan je denkt tussen inkopers en Max Verstappen. Zo maakt Frank Rozemeijer, NEVI Professor Purchasing & Supply Management aan de Universiteit van Maastricht, duidelijk tijdens SAP’s Connect to Innovate. “Een Formule 1 dashboard bestond in 1950 nog uit drie tellers en een stuur. Tegenwoordig is er overal een knopje. De coureur kan tijdens de gehele race informatie sturen naar de pit, waar mensen data analyseren, patronen herkennen en kunstmatige intelligentie toepassen zodat ze advies kunnen geven aan de ‘race director’ die de racer ondersteunt. Zo worden ook in inkoopprocessen steeds meer beslissingen door data-analyse genomen.”

Toch zijn de successen van Verstappen natuurlijk niet slechts aan data-analyse te danken. Een coureur moet nog steeds uren in de auto maken, en ervaring op doen om zo iedere dag weer beter te presteren, En hij moet tijdens de race creatieve beslissingen nemen en zijn verbeelding gebruiken. Datzelfde geldt voor inkopers benadrukt Rozemeijer. De opkomst van digitale hulpmiddelen “betekent niet dat inkoop een algoritme wordt en inkopers robots. Veel elementen in ons vak zijn exacte wetenschap, maar we moeten inkoop ook zien als een craft en een art. Ook wij kunnen het verschil maken met verbeelding en creativiteit. Dat vraagt sociale innovatie en misschien het aannemen van andere mensen.”

Waardecreatie

Het zou mooi zijn, legt Rozemeijer uit, wanneer inkopers op een soortgelijke manier ondersteund zouden worden als Formule 1-coureurs, door “data-analisten die constant ondersteuning bieden bij het inkoopproces, met informatie over toenemende risico’s, dalende prijzen en innovatie. Dat betekent dat in een inkoop sourcing proces sommige zaken door machines gedaan zullen moeten worden. Het automatiseren van het proces is echter niet het doel op zich. Het gaat er om dat inkoop gepositioneerd wordt als een waarde-creator die haar functie veel breder ziet.”

Cultuur

Rozemeijer beschrijft deze evolutie van inkoop aan de hand van wat hij de vijf P’s van inkoop noemt: prijs, product, proces, people en purpose. Hij stelt dat traditioneel gezien inkopers leveranciers kozen op basis van prijs en product, terwijl in de toekomst de nadruk steeds meer zal komen te liggen op de overige drie P’s. “De processen bepalen welke producten je kunt kopen tegen welke prijs. Dat draait om vragen over hoe het product verkocht wordt, hoe het geproduceerd wordt en hoe het besteld wordt. Ook op basis van deze informatie kun je je leveranciers en contracten kiezen. Processen op hun beurt bepaald door people. Wie zitten er in het topmanagement en wie zijn de professionals die het daadwerkelijke werk doen. Purpose bepaalt vervolgens hoe mensen zich gedragen. Het gaat over waarden, normen en cultuur. Hoe belangrijk vinden we duurzaamheid? Wat zijn de ambities van het bedrijf? Is er een fit tussen inkoper en leverancier? Dit zijn dilemma’s die om samenwerking en creativiteit vragen. Dat kunnen computers niet doen. Dat moeten mensen doen.”

Ecosysteem

Deze nieuwe focus van inkoop is niet alleen toekomstmuziek, benadrukt Rozemeijer. Sourcing wordt volgens hem nu al steeds vaker gezien als een “verdienmodel tussen leverancier en inkopende partij met als doel het optimaliseren van de waarde-uitwisseling tussen beide partijen.” Dit betekent dat bedrijven die (in de toekomst) succesvol willen zijn een “purpose-led ecosysteem van leveranciers moeten ontwikkelen. Dat ecosysteem zal bestaan uit leveranciers die je nu gebruikt en leveranciers die je op dit moment niet nodig hebt, maar die wel heel snel kunnen aansluiten. Innovatie en duurzaamheid kan daarbij helpen. Zo kun je leveranciers waar je niet direct zaken mee doet binnenboord houden, door ze te laten zien dat je met iets moois bezig bent.”

Ketenpartners

Rozemeijer weet dat het inkoopvak zo wel steeds complexer wordt. “Dat zeggen we al 100 jaar, maar het is wel een feit. Er zijn veel meer stakeholders, die allemaal hun eigen idee hebben over wat de volgende stap moet zijn. Daarnaast is het nog altijd weinig doorzichtig hoe problemen en symptomen en oorzaken en gevolgen met elkaar samenhangen. We moeten daarom steeds meer zaken samen met andere ketenpartners ontwikkelen, samen een kant oplopen en kijken wat werkt. Dat vraagt om een andere manier van werken.”

Transparantie

Volgens Rozemeijer betekent dit onder meer dat inkopers meer moeten inzetten op ketentransparantie. “Inkopers richten zich vooral op de eerste-lijn leverancier, maar er is weinig zicht en al helemaal weinig sturing op wat daar achter gebeurt. Er wordt te weinig gekken naar de subleveranciers, terwijl we allemaal weten dat bij heel veel projecten dingen misgaan, doordat het bij die leveranciers niet goed zit. Inkopers moeten daarom, zeker in de wereld van vandaag, actief in de ketens op zoek gaan naar informatie, kennis en data. Uit verschillende onderzoeken komt naar boven dat we dat te weinig doen, maar je kunt veel risico’s vermijden door meer inzicht in je ketens te verkrijgen.

Partner van Inkoperscafé:
Partner van Inkoperscafé:

Reacties

Partner van Inkoperscafé:
Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres