Magnifying glass Close

Handelsrelatie met China en de VS heeft gevolgen voor de inkoop

De grootmachten China en de Verenigde Staten (VS) zijn economisch belangrijk voor Nederland. Beide landen horen tot de tien grootste handelspartners van Nederland. Op de economische relatie van Nederland met beide landen staat de laatste tijd druk door hun onderlinge handelsconflict en door de economische druk die president Trump op Europa uitoefent. Dit artikel gaat in op de handelsrelatie met beide landen en wat dat voor inkoop betekent op basis van recent onderzoek van het CBS.

Nederland is nu zelf partij geworden in het handelsconflict tussen China en de VS met oplopende importheffingen. Dit heeft te maken met de mogelijke verkoop van de nieuwste chipsmachines door ASML aan China. De VS heeft zich hierin gemengd en Nederland en ASML voor het blok gezet om de machines niet aan China te verkopen. De Amerikanen willen niet dat de nieuwste technologie om chips te maken in China terechtkomt, omdat dat land de technologie voor militaire doeleinden zou kunnen gebruiken. Nederland zit daardoor tussen twee vuren. Het jaagt of de Amerikanen tegen zich in het harnas of de Chinezen. Verder zet president Trump de EU toenemend onder druk om tot een handelsakkoord naar zijn wensen te komen. Anders krijgt ook Europa te maken met hoge invoerrechten op Europese auto’s en andere goederen. De VS heeft bijvoorbeeld de Nederlandse staalindustrie al importheffingen opgelegd.

Economische gevoeligheid
Het CBS deed in 2019 onderzoek naar ‘de Nederlandse importafhankelijkheid van China, Rusland en de VS’. Dit artikel draait om de conclusies over de handel met China en de VS. Volgens het CBS zijn Nederlandse bedrijven via hun handel met China en de VS en de waardeketen die hen met deze landen verbindt, gevoelig voor de economische ontwikkelingen daar. De Nederlandse bedrijven zijn steeds meer onderdeel van wereldwijde productieprocessen en zijn toenemend afhankelijk geworden van inputs (goederen die bedrijven importeren om te bewerken). Tussen 1988 en 2017 steeg bijvoorbeeld het aandeel ingevoerde grondstoffen en tussenproducten in de export van 48 naar ruim 60 procent.

Negatieve handelsbalans
Nederland importeerde volgens het CBS in 2018 voor 39,2 miljard euro aan goederen uit China en voor 33,8 miljard uit de VS. Het aandeel van China in de totale import was ongeveer 9 procent en voor de VS was dit zo’n 8 procent. Ter vergelijking: ongeveer 18 procent van de Nederlandse import komt bij onze belangrijkste handelspartner Duitsland vandaan. Daarnaast exporteerde Nederland voor 23 miljard euro naar de VS en voor 11,7 miljard euro naar China. De VS heeft een aandeel van tussen de 4 en 5 procent in de gehele export in de periode 2010 – 2018. Het aandeel van China nam tussen 2010 en 2018 toe van 1,5 naar 2,4 procent. Dat is aanzienlijk lager dan de 9 procent van de import uit het Aziatische land.

Bij de import uit China gaat het voornamelijk om industriële producten, machines en vervoermaterieel. De Amerikaanse import valt ook grotendeels in deze categorieën. De VS voert daarnaast ook veel chemische producten en minerale brandstoffen uit naar Nederland. Verder bestaat een groot deel van de Nederlandse import uit China en de VS uit producten die vooral bestemd zijn voor de wederuitvoer. Het gaat dan om producten die door Nederland uit deze landen geïmporteerd worden, maar slechts licht bewerkt ons land weer verlaten. Van de import uit China is ongeveer twee derde (26,2 miljard euro) rechtstreeks bestemd voor andere landen en 12,8 miljard euro voor de Nederlandse markt. De import uit de VS bestaat voor zo’n 55 procent (18,7 miljard euro) uit wederuitvoer.

Directe import
Nederlandse bedrijfstakken verwerkten en verbruikten tussen 2015 en 2018 relatief meer inputs uit China dan uit andere landen. Veel sectoren kennen vooral een directe import uit China. Zo voeren vooral de bouw (ruim 1 miljard euro), de informatie- en communicatiebranche, de groot- en detailhandel en de quartaire sector (de niet-commerciële dienstverlening) direct Chinese goederen in. Ook bij de invoer uit de VS overheerst de directe import, waarbij de invoer van kapitaalgoederen zoals machines opvalt. Tegenover directe import staat indirecte import waarbij bedrijven van andere Nederlandse bedrijven goederen afnemen waarin inputs uit China of de VS zijn verwerkt. Dat gebeurt bijvoorbeeld in de groothandel, die goederen inkoopt van de Nederlandse industrie. Om deze goederen te produceren heeft de Nederlandse industrie halffabricaten uit China ingekocht. Deze halffabricaten vallen dan onder de indirecte import van de Nederlandse groothandel. Het betekent dat ook de groothandel daarmee gevoelig is voor de ontwikkeling van de handel van Nederland met China.

Grondstoffen en halffabricaten
Verreweg het grootste deel van de import uit China en de VS door Nederlandse bedrijfstakken is cruciaal voor de productie van Nederlandse exportgoederen en -diensten. Van de uit China geïmporteerde grondstoffen en halffabricaten gaat gemiddeld ongeveer 45 procent naar producten van eigen makelij en diensten die uiteindelijk in Nederland geconsumeerd worden. Voor de VS nam dit aandeel door de jaren heen af van 42 procent naar 33 procent. Verder voerde Nederland vanuit China in 2018 voor 2,8 miljard euro aan producten in om in exportartikelen te verwerken. Het grootste deel hiervan bestond uit machines, apparaten en onderdelen. Bedrijven gebruikten ruim 8 procent ervan voor export naar de VS.

Daarnaast verwerkten Nederlandse bedrijven in 2018 voor 217 miljoen euro aan optische, fotografische, medische, precisie- en meetinstrumenten uit de VS in de export. Een aanzienlijk deel daarvan (158 miljoen euro) werd gebruikt voor uit te voeren machines en machineonderdelen. Deze rekent het CBS tot de meest winstgevende exportproducten van Nederland.

Import uit China
De goederenimport uit China groeide volgens het CBS de afgelopen drie decennia veel harder dan de totale goedereninvoer. Het aandeel in de import van de Chinese goederen nam toe van 0,5 procent in 1988 naar 8,9 procent in 2018. Van de 39,2 miljard euro import uit China in 2018 exporteerde Nederland twee derde (26,3 miljard euro) weer naar andere landen. Daarnaast importeren bedrijven relatief vaak hightechproducten uit China om deze verder te verwerken.

Het deel van de Chinese import van 12,8 miljard euro voor de Nederlandse markt bestond voor 7,6 miljard euro uit directe invoer voor de productie van goederen en diensten door bedrijven in Nederland. Volgens het CBS bestaat 28 procent van de 7,6 miljard euro aan Chinese import voor gebruik in Nederlandse productieprocessen uit hightechgoederen, zoals laptops, tablets en telefoons. Gemiddeld is dit 9 procent voor de totale Nederlandse import. Bij de andere 5,2 miljard euro ging het om de invoer van eindproducten in de vorm van consumptiegoederen zoals speelgoed of kapitaalgoederen zoals machines.

Mediumhightechgoederen vormden met 34 procent (gemiddeld 26 procent voor totale import) het grootste deel van de invoer uit China voor verdere verwerking. Hierbij zijn de belangrijkste ingevoerde producten ledlampen, lithium-ion-batterijen (vooral gebruikt in consumentenelektronica en elektrische auto’s) en telefoonladers.

Relatief gezien importeerde de IT- en informatiedienstverlening het meest uit China. Van de totale import van deze bedrijfstak was 36 procent afkomstig uit China. Het ging vooral om computers en computeronderdelen. Verder voerde de telecomsector relatief veel in uit China met een aandeel van 19 procent in de import. De voornaamste invoer uit China van deze sector bestond uit telefoons.

Toegenomen afhankelijkheid
Het Nederlandse bedrijfsleven is steeds meer afhankelijk geworden van buitenlandse inputs, waaronder die uit China en de VS. De import uit China is de afgelopen jaren sterk gestegen. De Nederlandse bedrijven zijn daarmee veel afhankelijker van goederen uit China geworden. Met de toegenomen afhankelijkheid is ook de gevoeligheid van Nederlandse bedrijven voor economische spanningen tussen China en de VS gestegen. Dit geldt niet alleen voor direct uit de twee landen ingevoerde goederen, maar ook voor indirecte import. Inkoopafdelingen doen er goed aan om zich een goed beeld te vormen van hun afhankelijkheid van producten uit de VS en China of producten waarin grondstoffen of halffabricaten uit de VS of China zijn verwerkt. Op basis daarvan kunnen ze alternatieven op een rij zetten voor het geval er sprake is van economische, prijsopdrijvende maatregelen.

Partner van Inkoperscafé
Partner van Inkoperscafé

Reacties

Partner van Inkoperscafé
Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres