Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Partner van Inkoperscafé

Nieuwe orders nemen sterk af – Nevi PMI® maart 50.5

Zoetermeer, 1 april 2020 – De Nevi PMI van maart was met 50.5 flink lager dan het cijfer van 52.9 van februari. Toch duidt dit cijfer nog steeds op een (geringe) verbetering in maart. De productie daalde in bescheiden mate. Het aantal nieuwe orders daalde in de grootste mate sinds eind 2011 en hetzelfde gold voor de export orders.

De verlenging van de gemiddelde levertijden was aanzienlijk en de grootste sinds september 2018. De voorraad eindproducten daalde in de grootste mate in vijf jaar en ook de inkoopactiviteiten namen af. De voorraad ingekochte materialen steeg licht.

De werkgelegenheid nam in beperkte mate af. De inkoopprijzen namen toe, evenals de verkoopprijzen. Deze laatste inflatie was echter gering.

De toekomstverwachtingen van de bedrijven waren, vanwege de groeiende bezorgdheid over de impact van de coronavirus pandemie, het laagst sinds deze vraag voor het eerst gesteld werd.

Redactioneel commentaar prof. dr. ir. Bart Vos, Scientific Director Brightlands Institute for Supply Chain Innovation (BISCI) en verbonden aan Maastricht University

Nederland is met een Nevi PMI van boven de 50 een positieve uitzondering in Europa
Een maand geleden was de impact van de COVID-19 pandemie al zichtbaar, maar in maart zijn de humanitaire en economische effecten mondiaal pas echt in volle omvang duidelijk geworden. Het aantal te betreuren slachtoffers is in veel landen fors toegenomen en ook economisch gezien is de schade enorm. Natuurlijk zijn er verschillen tussen sectoren, maar overall zijn de ramingen steeds somberder geworden. Begin maart ging werkgeversorganisatie VNO-NCW nog uit van een verlaging van de verwachte economische groei voor 2020, eind maart stelt het Centraal Planbureau (CPB) dat het voorkomen van een economische krimp een onmogelijke missie lijkt te zijn.

Een fors daling van de Nevi PMI blijft vooralsnog uit
Een forse daling van de Nevi PMI voor de Nederlandse productiesector lag dan ook in de lijn der verwachting, maar dat is dus niet gebeurd. De index daalde wel, van 52.9 in februari tot 50.5 in maart, maar de meest recente data duiden dus nog steeds op lichte groei. Kijkend naar de mondiale ontwikkelingen is dat op zijn zachtst gezegd verrassend te noemen. Vele regeringen in de hele wereld hebben enorme steunmaatregelen voor ondernemers aangekondigd, in Nederland gaat het nu al om een pakket van vele tientallen miljarden Euro’s. Verder is Nederland met een PMI van boven de 50 een positieve uitzondering in Europa. In de Eurozone zakte de PMI voor de industrie tot 39.5, de grootste daling sinds april 2009, en voor de dienstensector zelfs tot 31.4.

Verklaring voor de lichte groei in de coronatijd
Het is lastig om een sluitende verklaring voor deze uitzonderingspositie te vinden. Kan het aan de timing van de dataverzameling liggen? Dat lijkt onwaarschijnlijk aangezien de data voor de Nevi PMI tussen 12 en 23 maart verzameld zijn en toen was de impact van COVID-19 al echt voelbaar in veel sectoren. Bovendien wordt door respondenten ook op diverse plekken in de rapportage verwezen naar deze impact, bijvoorbeeld als verklaring voor het gedaalde aantal nieuwe (export)orders. Verder is het toekomstperspectief nog steeds licht positief, maar respondenten geven wel aan dat bezorgdheid over COVID-19 een negatieve invloed heeft.

Is de samenstelling van de Nederlandse industrie dan zo anders? Dat is deels inderdaad het geval, zeker ten opzichte van onze Duitse buren, maar het is zeer de vraag of dat een bevredigende verklaring is voor het grote verschil in PMI-score. Bij nadere analyse valt wel op dat de Nederlandse industriële productieomvang nog stijgt in de sector consumptiegoederen en dat past weer bij cijfers over het aantal pintransacties in bijvoorbeeld supermarkten en doe-het-zelfzaken. Bij producenten van halffabricaten en investeringsgoederen was er sprake van dalende productievolumes, aggregaat leidde dit in maart tot een relatief bescheiden daling van de totale productieomvang.

Het meest waarschijnlijk lijkt toch een na-ijleffect, waarbij de gevolgen van de Covid-19 pandemie met een vertraging de komende maanden alsnog zichtbaar worden in de Nederlandse Nevi PMI-data. Het lijkt nauwelijks voorstelbaar dat een open economie als de Nederlandse immuun blijkt te zijn voor deze mondiale crisis. Het wordt immers steeds voelbaarder dat internationale productieketens worden onderbroken, ook in kwetsbare sectoren. Een wrang voorbeeld van deze kwetsbaarheid is te vinden bij de productie van de voor onze zorg nu broodnodige beademingsapparatuur. Snelle opschaling is door toenemende vraag noodzakelijk, een traject waar normaal een jaar voor staat moet nu in een paar weken gerealiseerd worden. Een bijkomende uitdaging is dat door een lockdown in een toenemend aantal landen de aanvoer van kritische onderdelen in gevaar komt.

Concluderend zal de met de Covid-19 uitbraak gepaarde gaande onzekerheid nog wel even duren, maar er zijn zeker ook lichtpuntjes. Allereerst zijn er over de hele wereld talloze voorbeelden van creatieve, vaak hartverwarmende oplossingen en acties ontstaan. En verder kunnen we er op basis van ervaringen in eerdere crises op vertrouwen dat er voldoende veerkracht in ketens aanwezig is om een eventuele daling in de Nevi PMI op termijn op te vangen.

Partner van Inkoperscafé

Industrie groeit weer, en fors – Nevi PMI® februari 52.9

Zoetermeer, 2 maart 2020 – De Nevi PMI van februari was 52.9, wat wijst op een forse verbetering van de bedrijfsomstandigheden in de Nederlandse productiesector na vijf maanden van krimp. Het was bovendien het hoogste cijfer in dertien maanden.

De productieomvang nam voor het eerst toe sinds september vorig jaar. De toename van de nieuwe orders was de grootste sinds augustus vorig jaar. Ook het aantal exportorders nam toe, zij het matig. De inkoop nam voor het eerst in vijf maanden toe. De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk daalde in februari opnieuw, zij het in de geringste mate in drie maanden.

De personeelsbestanden namen aanzienlijk toe en de inkoopactiviteiten werden voor het eerst in vijf maanden uitgebreid. De verlenging van de levertijden was de grootste sinds december 2019, waarin de eerste gevolgen van de uitbraak van COVID-19 zichtbaar werden. De voorraad eindproducten daalde voor de zesde maand en de voorraad ingekochte materialen voor de vijfde maand op rij.

De inkoopprijsinflatie was opnieuw fors, maar minder groot dan in januari. De verkoopprijzen stegen bescheiden en minder dan in januari. Bedrijven bleven positief over de toename van de productieomvang in de komende twaalf maanden, zij het minder dan in januari.

Redactioneel commentaar prof. dr. ir. Bart Vos, Scientific Director Brightlands Institute for Supply Chain Innovation (BISCI) en verbonden aan Maastricht University:

Er is net als vorige maand goed nieuws te melden over de PMI: de index steeg van 49.9 in januari naar maar liefst 52.9, het hoogste cijfer in ruim een jaar. Deze positieve ontwikkeling wordt echter helaas overschaduwd door de uitbraak van het Corona (COVID-19) virus. De gevolgen van deze uitbraak zijn de laatste weken steeds voelbaarder geworden. Uiteraard is dit met nu al duizenden doden in eerste instantie een tragedie vanuit het oogpunt van wereldgezondheid, maar ook economisch gezien is de impact enorm.”

In de laatste PMI-rapportage was die impact al zichtbaar in de vorm van oplopende levertijden. Respondenten wezen dit vooral toe aan een toenemende druk op hun aanvoerketen als gevolg van de uitbraak van COVID-19 in China. Kanttekening daarbij is dat de dataverzameling voor de PMI plaats vond in de periode 12-20 februari en toen was de uitbraak zeker nog niet op haar hoogtepunt. Vooral in de laatste weken van februari nam de uitbraak zowel geografisch (in steeds meer landen, inclusief Nederland) als absoluut gezien, steeds grotere vormen aan. Resulterend in toenemende onrust op beurzen en bij bedrijven. De Nederlandse werkgeversorganisatie VNO-NCW verwacht dat de COVID-19 uitbraak, in combinatie met de Brexit gevolgen en de stikstofmaatregelen, de verwachte economische groei dit jaar met enkele tienden van procentpunten kan verlagen.

De economische gevolgen zijn uiteraard nu al het meest zichtbaar in China. De Chinese PMI bereikte in februari een historisch dieptepunt, met 35.7 was de index zelfs lager dan tijdens de crisis in 2008. In januari stond de Chinese PMI nog net boven de 50 (51.1). Een forse daling was al wel voorzien, maar de meeste voorspellingen kwamen nog wel boven de 40 uit, dat valt dus tegen. En niet alleen voor de Chinese economie, ook internationale productieketens worden onderbroken. Dit effect zal zeker niet overal zo sterk zijn, maar het lijkt onvermijdelijk dat ook de Nederlandse PMI last gaat hebben van deze ontwikkelingen. Daarbij zullen de gevolgen wel per sector verschillen. Uit een recente publicatie van The Economist blijkt dat vooral bedrijven met beperkte voorraadbuffers en weinig alternatieve leveranciers risico lopen. Uit cijfers van dit gezaghebbende tijdschrift blijkt dat dit vooral in de hightech sector het geval is. Ook bedrijven in de farmaceutische en auto-industrie lopen een bovengemiddeld risico. Heel concreet hebben bedrijven als Apple (mondiaal) en Coolblue (in Nederland) al aangegeven tekorten in de aanvoer van producten uit (met name) China te verwachten.

In meer algemene zin vormen de gevolgen van de uitbraak van het COVID-19 virus een illustratie van onderlinge afhankelijkheid in en kwetsbaarheid van mondiale ketens. Het goede nieuws is dat bij eerdere crises is gebleken dat er voldoende veerkracht in die ketens aanwezig is om te herstellen van deze uitbraak. Dat zal echter wel minimaal enkele maanden vergen, het volgen van de PMI zal de komende tijd dus zeker niet saai zijn.

Partner van Inkoperscafé

Wat zegt de inkoopmanagersindex PMI?

De Nevi PMI (purchasing managers’ index) of – op zijn Nederlands – de inkoopmanagersindex, steeg van 48.3 in december naar 49.9 in januari. Nevi bracht dit nieuws met de vermelding dat er nog steeds krimp is in de Nederlandse productiesector, maar dat deze bijna verwaarloosbaar is. De inkopersvereniging maakt de Nevi PMI maandelijks bekend. Wat houdt deze index eigenlijk in en wat is de betekenis ervan?

Iedere eerste werkdag van de maand publiceert Nevi de Nevi PMI (in dit artikel verder PMI genoemd) voor Nederland. Dit indexcijfer geeft het vertrouwen weer van inkoopmanagers in de economie. Het doel van de PMI is volgens Nevi ‘om informatie te verstrekken over huidige en toekomstige zakelijke voorwaarden aan inkoopmanagers, besluitvormers en investeerders van bedrijven’. Inkopers kunnen de gegevens uit de PMI gebruiken als onderbouwing voor inkoopkeuzes. “Het is een tool voor inkoopprofessionals om hun werk beter te doen. Nevi richt zich op ondersteuning van inkoopprofessionals en dit past daarin”, licht Nevi bij navraag toe.

Invloedrijke inkopers
Door het volgen van de inkooptrends geeft de PMI volgens Nevi een actueel beeld van de economische ontwikkeling van de Nederlandse productiesector. De PMI loopt meestal vooruit op veranderingen in de economische activiteit en productie. Financiële deskundigen en media beschouwen de ontwikkeling en beweging van de PMI dan ook als een belangrijke factor in de economie.

Volgens Nevi hebben inkopers veel invloed op onze economie. Emeritus Nevi hoogleraar Arjan van Weele onderstreept dit in een filmpje op de site van de inkopersvereniging: “Zetten inkopers meer contracten in de markt, dan hebben leveranciers en bedrijven het drukker. Als inkopers minder contracten afsluiten dan hebben bedrijven minder te doen.” Alle reden dus volgens Van Weele om inkopers goed in de gaten te houden. “De PMI houdt in dat we maandelijks het gedrag van inkopers in de praktijk volgen op basis van werkelijke cijfers. Inkopers rapporteren maandelijks de contracten die ze in de markt hebben gezet, de prijsniveaus waartegen ze contracten hebben afgesloten, de voorraad die ze hebben zien toe- of afnemen en de werkgelegenheid in hun bedrijf. Het is een uniek instrument om de economische ontwikkeling te volgen en geeft betrouwbare informatie over de economie.” 

400 bedrijven
Internationaal gezien zijn de belangrijkste bepalers van PMI’s het Institute for Supply Management (ISM), het Singapore Institute of Purchasing and Materials Management (SIPMM) en IHS Markit. De Nederlandse PMI wordt samengesteld door IHS Markit. De basis daarbij is een enquête onder een volgens IHS Markit representatief panel van ongeveer 400 bedrijven in de Nederlandse industrie. Dit panel is onderverdeeld op basis van het bruto binnenlands product (BBP) en het aantal werknemers. De respondenten krijgen vragen over productie, nieuwe orders, exportorders, ingekocht materiaal, inkoopprijs, werkgelegenheid, levertijden, voorraad ingekocht materiaal en voorraad gereed product.

De PMI-score ligt op, onder of boven de 50. Bij een PMI van 50 heeft er geen verandering plaatsgevonden. Is de inkoopmanagersindex lager dan 50, dan wijst dat op een dalende economische groei met de inschatting dat de productie en activiteiten afnemen. Ligt de PMI boven de 50, dan duidt dat op een groeiende economie en meer vertrouwen. Hoe meer de index verschilt van 50, hoe meer de economie verandert.

De rekenformule voor de PMI is: PMI = (P1 * 1) + (P2 * 0,5) + (P3 * 0)

Hierbij is:

P1 = percentage antwoorden dat een verbetering meldt

P2 = percentage antwoorden dat geen wijziging meldt

P3 = percentage antwoorden dat een verslechtering meldt.

De Nevi PMI bestaat uit negen deelindexen. Het gaat daarbij om het aantal exportorders, de werkgelegenheid, de voorraden ingekocht materiaal en gereed product, de hoeveelheid ingekocht materiaal, de levertijden, de inkoopprijs, het aantal nieuwe orders en de productiecijfers. Daarnaast geeft de PMI een overzicht van prijsdalingen en –stijgingen per grondstof of productgroep. Nevi legt uit dat de deelindexen een tendens weergeven. Daarnaast geeft de grondstoffenpagina informatie over de ontwikkelingen van grondstoffen die voor inkopers van belang zijn.

Deelnemerspanel
Henk Schiere is senior strategic buyer bij Apollo Vredestein. Hij vertelt op de site van Nevi dat hij de informatie uit de PMI onder andere gebruikt om de interne stakeholders te informeren. Daarnaast doet Schiere bijvoorbeeld een beroep op de informatie uit de PMI bij gesprekken met leveranciers, als hij denkt dat er een voorraadtekort dreigt. Vanwege kostenafwegingen besteedt Apollo Vredestein meer uit, waardoor het steeds afhankelijker wordt van leveranciers. “Daarom is het nog belangrijker dat wij goed weten wat er in de markt gebeurt, zodat we daar vroegtijdig op kunnen inspelen”, legt Schiere uit.

Schiere is blij met de informatie die de PMI hem biedt. “Natuurlijk kun je ook veel marktinformatie online vinden, maar je moet je altijd afvragen wat de kwaliteit daarvan is. Bovendien kost dergelijk eigen research veel tijd. De PMI geeft een gedegen overzicht van de ontwikkeling in de Nederlandse industrie en de prijsontwikkelingen in een heel breed scala aan productgroepen.”

Een kanttekening van hem is dat de 400 bedrijven die de data voor de PMI aanleveren anoniem zijn. “Ik zou wel graag willen weten hoeveel bedrijven zich op de inkoopcategorieën richten die ook voor ons interessant zijn en hoe groot het inkoopvolume van die bedrijven is. Want uiteindelijk bepaalt dat natuurlijk de echte waarde van dit instrument.”

Volgens Nevi is een specificatie van de inkoopmanagersindex niet mogelijk. “De PMI wordt gemaakt door IHS Markit. Nevi heeft daar geen invloed op. Het is een van de vele PMI’s die IHS Markit maakt. Dat gebeurt allemaal volgens hetzelfde systeem. We hebben bijvoorbeeld gekeken of duurzaamheid er in naar voren kon komen, maar dat was niet mogelijk. Nevi gaat ook niet over het deelnemerspanel. We weten niet wie daarin zitten. Dat kan ook niet, omdat het om een onafhankelijk instrument en onderzoek gaat.”

Belangrijke economische indicator
Maarten Erasmus, managing consultant bij  inkoopdienstverlener Emeritor, denkt niet dat de PMI van veel waarde is voor inkopers zelf. “Als algemeen cijfer over groei of krimp per sector is hij veel te grof. De inkoop van materialen vraagt om veel specifiekere informatie die afhangt van de branche. Inkopers doen daarom liever een beroep op branchespecifieke indexen. Het gaat om indexen waarvoor de inkopers in de branche cijfers aanleveren, die daarna in algemene vorm worden gedeeld met de andere deelnemers.” Daarom is het volgens Erasmus niet logisch dat NEVI zich inspant om de PMI wereldkundig te maken, omdat de leden er weinig aan hebben. “Overigens hebben inkopers natuurlijk wel informatie die interessant is voor andere inkopers. Maar die delen zij niet. Om tactische redenen. De echt interessante informatie blijft onder de pet.”

Erasmus ontkent niet dat de Nederlandse PMI een van de belangrijkste indicatoren voor onze economie is. “Zo hanteren banken de index bijvoorbeeld bij het bepalen van de rentevoet. Daarnaast is het een vroege economische voorspeller. Plaatsen inkopers in de industrie meer orders, dan kun je erop rekenen dat de productie en verkopen gaan stijgen. De PMI is gebaseerd op feiten en is daarmee niet alleen een vroege, maar ook een betrouwbare indicator.” Hij meent dan ook dat de PMI vooral interessant is voor economen, investeerders en beleggers, maar niet voor de oorspronkelijke doelgroep, de inkoopmanagers.

Nevi beklemtoont dat het bij PMI om een instrument vanuit inkoop gaat over wat de markt gaat doen. “De inkoper ziet op het eigen bureau wat de trends zijn en wat de grondstoffen gaan doen. Daarnaast kan de afdeling inkoop er de algemene ontwikkelingen op inkoopgebied mee laten zien aan het management.”

Dit overtuigt Erasmus niet. “Voor specifieke ontwikkelingen zijn er speciale indexen (bijvoorbeeld voor grondstoffen) die inkopers kunnen volgen in plaats van de PMI. Ik kan me ook niet voorstellen dat het management zit te wachten op een overzicht van de algemene ontwikkelingen op inkoopgebied. De index geeft een belangrijk inzicht aan economen, maar niet aan inkopers.”

Inzicht in trends
De waarde van de PMI lijkt vooral te liggen in de trends op het gebied van economie en inkoop die de inkoopmanagersindex laat zien. Vooral voor economen is het een belangrijk instrument om te kijken waar het met de economie naar toe gaat. Aan inkopers geeft het met name een algemeen beeld. Zij kunnen de PMI in combinatie met branche- en bedrijfsspecifieke informatie gebruiken om hun beleid voor de komende periode te bepalen.    

Partner van Inkoperscafé

Bijna geen krimp meer – Nevi PMI® januari 49.9

Zoetermeer, 3 februari 2020 – De Nevi PMI steeg naar 49.9 in januari, wat wijst op de kleinste verslechtering van de bedrijfsomstandigheden in de huidige periode van krimp van drie maanden.

De productie daalde voor de vierde maand op rij, al was deze daling gering en kleiner dan in december. Het aantal nieuwe orders daalde opnieuw, zij het in de kleinste mate in drie maanden. De buitenlandse orders daalden eveneens licht.

De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk daalde voor de elfde keer op rij, maar ook deze daling was bescheiden en kleiner dan in december. De voorraad eindproducten daalde aanzienlijk en de inkoopactiviteiten namen in bescheiden mate af. Ook de voorraad ingekochte materialen nam af. De levertijden bleven toenemen, zij het deze maand minder dan in december. De werkgelegenheid nam licht toe.

De inkoopprijzen stegen voor de tweede achtereenvolgende maand en de verkoopprijzen stegen aanzienlijk. Tot slot was het vertrouwen van de Nederlandse producenten in januari het grootst in veertien maanden.

Redactioneel commentaar prof. dr. ir. Bart Vos, Scientific Director Brightlands Institute for Supply Chain Innovation (BISCI) en verbonden aan Maastricht University

Voorzichtig positief nieuws uit de PMI-cockpit: de index steeg van 48.3 in december naar 49.9 in januari. Dat duidt nog steeds op een krimp in de Nederlandse productiesector, maar deze is bijna verwaarloosbaar te noemen. Het nieuwe decennium had dus zeker slechter kunnen beginnen.


De score van net onder de 50 wordt vooral veroorzaakt door een aanhoudende daling in het productievolume, al was deze daling nu minder dan eind 2019. Verder duidt een daling in de ‘productie niet gereed’ deelindex op overcapaciteit. Door een afzwakking van de klantvraag kunnen Nederlandse producenten nu wel hun achterstanden wegwerken.

Positief nieuws is dat de werkgelegenheid index na een dip in december weer boven de 50 is uitgekomen. Dit duidt op een hernieuwde uitbreiding van de personeelsbestanden in de Nederlandse industrie, al was de banengroei nog bescheiden te noemen. Het is ook goed om te zien dat Nederlandse ondernemers optimistisch zijn over het komende jaar. De toekomstige productie-index is sinds november 2018 niet meer zo hoog geweest. Nevi PMI-panelleden geven aan plannen te hebben om nieuwe (export)markten te betreden en zijn ook positief over wereldwijde economische groei.

Het zou echter te voorbarig zijn om nu rustig achterover te gaan leunen. Nederland is immers een open economie en mondiaal gezien is er nog wel de nodige onzekerheid. De brexit is sinds 31 januari 2020 dan wel een feit, maar daarmee is de onzekerheid bepaald nog niet verdwenen. De Europese Unie (EU) en het Verenigd Koninkrijk hebben tot het einde van dit jaar om tot een handelsakkoord te komen. Even ter vergelijking: de onderhandelingen tussen de EU en Canada over een dergelijk akkoord begonnen in 2009, het verdrag trad in september 2017 voorlopig (!) in werking. Met gevoel voor Brits understatement is er dus sprake van een ambitieus tijdpad.

Van een heel andere orde is de onzekerheid die de uitbraak van het Coronavirus met zich meebrengt. Dit is natuurlijk in eerste instantie een mondiaal gezondheidsrisico, maar deze uitbraak heeft zeker ook effect op de wereldeconomie. In 2003 zorgde het SARS-virus al voor behoorlijke economische schade, maar nu is China een veel grotere speler in mondiale ketens. Bovendien zit de Chinese stad Wuhan door het virus ‘op slot’ en die miljoenenstad is een belangrijk logistiek knooppunt in het midden van China. Door het Chinees Nieuwjaar waren de meeste Chinese bedrijven al gepland dicht, maar door het virus is die sluiting in veel gevallen met een week verlengd en dat zorgt voor Westerse klanten voor problemen met de aanvoer van onderdelen. Net als in 2003 met SARS zal de economische dip tijdelijk zijn, maar de komende maanden zullen ook Nederlandse bedrijven last hebben van deze situatie.

Er is al met al meer dan voldoende reden om de ontwikkelingen in de PMI, zowel in Nederland als mondiaal, op de voet te blijven volgen.

Drie deelindices uitgelicht:

NIEUWE EXPORT ORDERS INDEX
De seizoensmatig aangepaste Nieuwe export orders index kwam in januari uit onder de geen-veranderingsgrens van 50.0, wat voor de derde maand op rij wijst op een afname van het aantal nieuwe orders uit het buitenland. Er zijn aanwijzingen dat deze daling het gevolg was van de grote concurrentiedruk en de zwakke vraag, al bleef de daling bescheiden en kleiner dan in december.

PRODUCTIE NIET GEREED INDEX
De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk ging in januari omlaag. Dit is nu al sinds maart 2019 maandelijks het geval en wijst op overcapaciteit in de Nederlandse productiesector. De bedrijven schreven deze laatste daling toe aan de lagere productievereisten, waardoor zij hun achterstanden konden verkleinen. De afname was echter bescheiden en kleiner dan in december.

De subsectorgegevens lieten een daling zien voor alle drie sectoren. De grootste daling werd genoteerd door de producenten van investeringsgoederen.

VERKOOPPRIJS INDEX
De gegevens voor januari lieten een stijging zien van de gemiddelde verkoopprijzen die de Nederlandse producenten in rekening brachten, de veertigste op rij. Er zijn aanwijzingen dat de inflatie het gevolg was van het doorberekenen van de hogere inkoopkosten aan klanten. De aanzienlijke inflatie was bovendien samen met die van juni de grootste sinds april.

Over de Nevi PMI…
De Nevi Purchasing Managers’ Index (PMI®) is een samengestelde index ontworpen om een algeheel beeld te verkrijgen van de economische activiteiten in de verschillende industrieën. Een score van de PMI onder de 50,0 geeft daling van de industriële activiteit aan, een score boven het kritische punt van 50,0 duidt op een groeiende economie. Een score van 50,0 duidt erop dat er geen veranderingen hebben plaatsgevonden. Hoe groter de afwijking van 50,0, hoe groter de mate van verandering in de index is. De Nevi PMI wordt opgesteld aan de hand van maandelijkse vragenlijsten die circa 350 inkoopmanagers uit Nederland invullen.  

Over Nevi …
Nevi is het kennisnetwerk voor inkoop, contract- en supply management. Gevoed door visies en inzichten uit bedrijfsleven, publieke sector, onderwijs en wetenschap bundelen en duiden wij alle facetten van procurement. Wij delen die diepgaande kennis: in onze vereniging van 7.000 professionals die elkaar inspireren en stimuleren. In doelgerichte opleidingen, trainingen en events voor iedereen die verder wil in ons mooie vak. En in innovatieve krachtenbundelingen met maatschappelijke en commerciële partners. Zo brengen wij, gezamenlijk, procurement naar een hoger niveau.
Nevi. Procurement in perspectief
Partner van Inkoperscafé

Zoetermeer, 1 augustus 2019 – De NEVI PMI van juli was met 50.7 gelijk aan die van juni en wijst op een slechts lichte verbetering van de bedrijfsomstandigheden. De nieuwe orders uit zowel binnen- als  buitenland namen voor de tweede maand op rij af. Evenals in juni noteerde de subsector consumptiegoederen als enige een verbetering.

(meer…)
Partner van Inkoperscafé

Grippr en Greenstone presenteren contractmanagement software in gratis webinar

Nu de automatisering ook de inkoopwereld heeft bereikt, kun je soms door de bomen het bos niet meer zien. Op 6 juli organiseren Grippr en Greenstone daarom een webinar waarin ze demonstreren hoe je kan werken met de SupplierPortal software. (meer…)

Partner van Inkoperscafé

30 Nederlandse partijen brengen samen blockchain op de kaart

Ongeveer 30 Nederlandse partijen, privaat én publiek, werken samen aan de meest uiteenlopende blockchain-projecten. Deze initiatieven zijn samengebracht in de Dutch Blockchain Coalition, een publiek-privaat initiatief van het door het Ministerie van Economische Zaken ingestelde Team ICT. (meer…)

Partner van Inkoperscafé

De weg in inkoopland: nog nooit zo eenvoudig!

De weg vinden in inkoopland was nog nooit zo eenvoudig. De nieuwe webgids op InkopersCafe wijst u de weg door het woud van adviseurs, bemiddelaars, detacheerders, opleidingen, professionals en verenigingen. Vind alle personen en organisaties die ertoe doen via logisch ingedeelde categorieën. Selecteer de categorie en vind het bedrijf dat u zocht in een helder en duidelijk overzicht.

Staat uw organisatie er nog niet tussen? Aanmelden kan hier. Een basisvermelding is gratis. Beter opvallen kan ook. Klik hier voor de mogelijkheden.

Introductiekorting: deze maand (februari) 25% korting op alle betaalde vermeldingen!

Partner van Inkoperscafé

Geboorte In2Talent, jong inkooptalent

Met de vergrijzing en een jonge generatie die veel in beweging is op de arbeidsmarkt, is de ultieme uitdaging voor inkooporganisaties om de juiste kennis, competenties en ervaring op de juiste plek te krijgen. En te houden. Daar zal het verschil worden gemaakt.

De gemiddelde leeftijd van werknemers was in 1990 nog 36,2 jaar, in 2011 was dat al 41,2 jaar (bron: CBS). Kennis en capaciteit stromen uit, jonge instroom met de juiste vaardigheden wordt schaars. De oplossing van In2Talent zit in gefaseerde verjonging op de werkvloer. Door jong inkooptalent intensief te begeleiden, en ze door ervaren krachten op te laten leiden, voorkomt u dat noodzakelijke (inkoop-)kennis verloren gaat. Bovendien zorgt deze diversiteit voor dynamiek binnen uw organisatie. 

Met de instroom van jonge en hoogopgeleide mensen via In2Talent onder leiding van Roderick Timmermans, beschikken organisaties over capaciteit, kwaliteit én een verfrissende blik. En als u de junior consultant na een jaar in vaste dienst neemt, anticipeert u op de vergrijzingproblematiek. De junior consultant mag rekenen op actieve begeleiding door ervaren professionals en coaching on the job!

Altijd voldoende inkoopcapaciteit, behoud van waardevolle kennis én vernieuwende inzichten.

Graag geven we je specifieke informatie, zie www.in2talent.nl

Partner van Inkoperscafé

Nog één keer 2013: populairste berichten

Hieronder de tien populairste artikelen van het afgelopen jaar:

  1. Salarisverschillen inkoop groeien
  2. De dirty tricks van het onderhandelen
  3. Rechtmatigheid etterende wond in Moerdijk
  4. Het nieuwe inkopen vraagt om een nieuwe houding
  5. Heineken en Albron verliezen rechtszaak uitbesteding
  6. Verkoper ziet inkoper als beperkende factor voor innovatie
  7. Te vaak ‘operatie geslaagd, patiënt overleden’
  8. Foutje, bedankt!
  9. Indexeren, hoe zit dat?
  10. December, Inkoop en Ethiek

De top 10 uit 2012 nog even terugzien? Dat kan hier.

Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres