Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Partner van Inkoperscafé

Steeds meer bedrijven doen een beroep op ‘overmacht’

Uit onderzoek van Riskmethods waarover Nevi bericht, blijkt dat er sprake is van een stijging van 44 procent van het aantal bedrijven dat een beroep doet op ‘force majeure’ (overmacht). Bij ‘force majeure’ gaat het om een clausule in een contract, die aangeeft dat de betreffende partij (of partijen) een contractuele verplichting niet kan naleven door krachten die buiten de eigen controle liggen. Het gaat dan bijvoorbeeld om een oorlog, natuurramp of epidemie.

Overmachtsituatie
Meestal vangt een overmachtclausule in de praktijk het door een partij niet-nakomen van afspraken van een partij niet helemaal op, maar schort ze deze alleen op voor de termijn van de overmachtsituatie. DHL Global Forwarding is een voorbeeld van een bedrijf dat zich ondertussen beroept op force majeure. Deze mondiale logistieke dienstverlener ‘behoudt zich het recht voor om de dienstverlening naar eigen inzicht aan te passen aan de actuele omstandigheden’.

Bron: Nevi

Partner van Inkoperscafé

Webinar: SEM Online COVID-19, en nu?

De roep om door middel van aanbestedingen de economie te blijven stimuleren wordt steeds groter. Tegelijk wordt er opgeroepen om termijnen ruimhartig te verlengen. Rechtbanken zijn gesloten of schuiven in ieder geval kort gedingrecht voor aanbestedingszaken op de lange baan. Kortom, COVID-19 heeft een enorme impact op inkoop en verkoop.

Aanstaande vrijdag organiseren Nevi, SMA, Cinfield en Tender People een webinar om inkoop en verkoop aan elkaar te verbinden.

Meer informatie en een aanmeldlink voor de gratis webinar vindt u hier.

Partner van Inkoperscafé

White paper Inkoop Sociaal Domein - Nog 4 hordes te gaan

Sinds 2015 is het Sociaal Domein grotendeels de verantwoordelijkheid van lokale overheden. Zowel op operationeel als financieel gebied is het een gigantische opgave gebleken dit systeem op te zetten. Bijna vijf jaar later zijn gemeenten goed bezig, maar er zijn nog wel wat hordes te nemen.

Lees er alles over in het Nevi White paper Inkoop Sociaal Domein: Nog 4 hordes te gaan. Geschreven met medewerking van Niels Uenk, Tim Robben en John Weinstock.

Te downloaden via Nevi.

Partner van Inkoperscafé

Serious game verlevendigt opleiding contract- en leveranciersmanagement

Nevi voegt een serious game toe aan de opleiding contract- en leveranciersmanagement. Deze moet studenten op een speelse manier aan het denken zetten over het werk van de contractmanager en zijn interactie met andere organisatieonderdelen. Volgens Berry Koolstra, programmamanager bij Nevi, is het spel een waardevol element voor de (aankomende) contractmanagers die deelnemen aan de opleiding.

Wil een professional ideeën in een organisatie uitvoeren, dan heeft hij daar eigenlijk altijd andere mensen bij nodig. De game laat de studenten ervaren wat de impact is van zijn plannen of de wijze waarop hij die uitvoert, op anderen. Daarbij draait de game om een voor iedereen herkenbare organisatiecasus. Het is een bordspel met meerdere speelvelden met meerdere activiteiten op een lesdag. Bij iedere activiteit is een andere vaardigheid of competentie van de spelers nodig voor het bereiken van leerdoelen. De deelnemer ervaart daarbij wat de impact is op verschillende stakeholders. Het spel gaat in op de vijf meest voorkomende rollen die een contractmanager in en buiten zijn organisatie tegen kan komen. Dat zijn naast de contractmanager zelf, de inkoper, de klant, de leverancier en de directie. ‘Facilitators’ begeleiden het spel en zorgen voor daadwerkelijk confronterende situaties.

Concrete leer- en verbeterpunten
“We kozen bewust voor een bordspel zodat je fysiek met elkaar in contact bent. Dat geeft je een levendige ervaring van wat je als contractmanager zelf tegenkomt in je werk, maar ook hoe die andere functionarissen dat ondervinden”, vertelt Koolstra. De deelnemers verzamelen op de speeldag de concrete leer- en verbeterpunten, die zij tijdens de simulatie hebben ondervonden. Dit levert een concreet actieplan op dat ze mee kunnen nemen. Koolstra: “Je kunt het geleerde eigenlijk direct toepassen in je dagelijkse werkzaamheden. Ongeveer twee weken na de simulatie treffen we elkaar weer in het ‘Leerlab’. Daar evalueer je met de facilitator en de andere deelnemers of je daadwerkelijk met je actiepunten aan de slag bent gegaan en waar je tegenaan liep. Met die bagage kun je het vervolg van je opleiding in.”

Bron: Nevi

Partner van Inkoperscafé

Vier zaken waar inkopers vanwege het coronavirus op moeten letten

Nu de gevolgen van het coronavirus voor de economie en de toeleveringsketens toenemen, wordt een goede voorbereiding steeds belangrijker voor inkoopafdelingen. Nevi is daarom met vier punten gekomen waar inkopers in de huidige coronacrisis in ieder geval op moeten letten.

Afstemming met leveranciers
Ten eerste is het belangrijk om de inventaris te controleren. Hierbij hoort het herzien van voorraadbeleid en -niveaus en het vragen aan leveranciers om hetzelfde te doen. Het is verstandig om goed samen te werken met leveranciers wat de toeleveranciersketen betreft. Daarnaast is het noodzakelijk om met iedere leverancier te communiceren en de relatie goed te houden. Inkoopafdelingen doen er goed aan om kritisch te beoordelen of een leverancier wel kan blijven aanleveren, zelfs als die vindt dat het kan. Ook moeten ze goed naar de prijsstructuren en marktpositie kijken en op basis daarvan zorgen dat ze vooraan in de rij staan als de aanlevering weer start. Op de derde plaats is een goed herstelplan nodig om voorraadtekorten of leveringsproblemen op te vangen. Tot slot is het verstandig dat inkopers zich goed instellen op de situatie nadat de epidemie voorbij is. Daarbij is het raadzaam om voortaan een clustering van teveel leveranciers in een regio te voorkomen.

Bron: Nevi

Partner van Inkoperscafé

MVO Nederland en Nevi versterken samenwerking voor circulair en maatschappelijk inkopen

Vanuit een gemeenschappelijke ambitie om een bijdrage te leveren aan het oplossen van duurzaamheidsvraagstukken in de maatschappij, hebben Nevi en MVO Nederland hun samenwerking officieel bekrachtigd met een handtekening van beide directeuren. De twee organisaties gaan elkaar op diverse vlakken versterken om met bedrijven en organisaties te versnellen naar de nieuwe economie.  

Jeroen Harink, algemeen directeur Nevi: “Ik ben blij dat MVO Nederland en Nevi intensief gaan samenwerken om onze doelgroep – de inkoopprofessionals en de organisaties waarvoor zij werken – verder in maatschappelijk verantwoord ondernemen te bekwamen. Daar draait het om. Met deze samenwerking krijgen reeds lopende maatschappelijke programma’s een betere verankering. Denk hierbij aan projecten zoals de Klankbordgroep Advies Duurzaam Inkopen OverheidGreen Deal Circulair inkopen en Circulair werken in de Zorg. Uiteraard pakken we samen ook nieuwe maatschappelijke programma’s op. Qua ideeën is er geen schaarste.” 

Maria van der Heijden, algemeen directeur MVO Nederland, vult aan: “Als beweging van ondernemers in de nieuwe economie horen we dagelijks uit ons netwerk hoe belangrijk de rol van inkoop is. We zijn dan ook enorm blij om de samenwerking met Nevi nu officieel te bekrachtigen. We zijn ervan overtuigd dat we ondernemers en bedrijven nog beter kunnen faciliteren in het verder verduurzamen van hun inkoopproces. Binnen, maar ook buiten ons netwerk van 2.000 partners.”

Nevi koers
Jeroen Harink: “Samenwerken met MVO Nederland doen we natuurlijk al langer. Meer dan ooit is duidelijk dat allianties met anderen de sleutel is naar succes. De kunst is om met de juiste partijen een zodanige samenwerking aan te gaan, dat we waarde voor de maatschappij, voor organisaties en voor inkoopprofessionals kunnen leveren. En dat kunnen we met vele partijen doen, en zeker ook met MVO Nederland!”

Masterclass: Wegwijs in Circulair en Verantwoord Inkopen
Eén van de eerste concrete uitwerkingen van de samenwerking is de Masterclass Wegwijs in Circulair en verantwoord inkopen die op dinsdag 7 april in Utrecht gepland staat. Een interactieve masterclass waar de laatste trends en ontwikkelingen besproken wordt aan de hand van de MVI-Wegwijzer. Meer informatie en aanmelden: https://www.mvonederland.nl/event/masterclass-wegwijs-in-circulair-en-verantwoord-inkopen

Maria van der Heijden (MVO Nederland) en Jeroen Harink (Nevi)

Michel Schuurman, Karin van IJsselmuide, Maria van der Heijden en Jeroen Harink (vlnr)

Over Nevi
Nevi® is de 3e inkoopvereniging ter wereld en al sinds 1956 hét kennisnetwerk voor inkoop en supply management. NEVI heeft als eerste inkooporganisatie de Global Standard ontvangen voor haar inkoopopleidingen en maakt inkoop, supply- en contractmanagement kennis toegankelijk voor iedereen die betrokken is bij het inkoopproces. Nevi organiseert (inter)nationale congressen, vakopleidingen en maatwerktrainingen, alsmede netwerkbijeenkomsten voor een netwerk van ongeveer 12.000 professionals. Nevi subsidieert hoogleraren, lectoren en promovendi. De Nevi Gedragscode is leidend in het vakgebied. De Nevi PMI® indiceert maandelijks de ontwikkeling van de Nederlandse industrie.
Inkoop = Nevi. Meer informatie: www.nevi.nl.

Over MVO Nederland
MVO Nederland is de beweging van ondernemers in de nieuwe economie. De nieuwe economie is een toekomstbestendige: klimaatneutraal, circulair, inclusief en met eerlijke ketens. Alleen in de nieuwe economie kunnen ondernemers blijven ondernemen. Daarom is het bereiken ervan het doel. Dat lukt nog sneller als de beweging zo groot mogelijk is. Op dit moment is dat ongeveer 2.000 partners, maar groei is nodig. MVO Nederland maakt innovaties mogelijk via onverwachte samenwerkingen tussen ondernemers en creëert de juiste condities via belangenbehartiging bij overheden en financiers. Ons doel is bereikt bij het kantelpunt in 2025: minimaal twintig procent van de economie gaat om in de nieuwe economie. Word partner en neem je aandeel in de nieuwe economie. Meer informatie: www.mvonederland.nl.

Partner van Inkoperscafé

Productie Europese autofabrikanten lijdt onder coronavirus  

De Italiaanse onderneming MTA Advanced Automotive Solutions fabriceert onderdelen voor de elektrische systemen van auto’s en is leverancier van de grootste autofabrikanten. De onderneming moest de productie in de fabriek in Shanghai aanzienlijk verminderen toen het coronavirus in januari in China voor een noodtoestand zorgde. Ook kon MTA maar een klein deel van zijn gebruikelijke personeel inzetten. Zo berichten Nevi en Automobiel Management.

De fabriek in Sjanghai draaide weer helemaal op 17 februari. Een kleine week later kregen de Italianen echter te maken met een probleem in een andere fabriek in eigen land, namelijk in Codogno waar het coronavirus ook de kop op stak. De NY Times meldt dat de regionale overheid alle lokale fabrieken sloot.

Productielijnen dicht
MTA vroeg de Italiaanse overheid op 25 februari of ze de fabricage weer kon oppakken met 60 van haar 600 werknemers. De fabrikant waarschuwde dat ze anders niet in staat was tot levering van cruciale onderdelen aan klanten. Hiermee zou de productie van belangrijke autofabrikanten in Europa, waaronder Renault, BMW, Peugeot, Fiat Chrysler (FCA) en Jaguar Land Rover, vanaf 2 maart tot stilstand komen. Bij FCA sloten vorige week al drie productielijnen.

Nevi biedt inkopers de gelegenheid om met elkaar te sparren over problemen door het coronavirus op de Nevi online community.

Bronnen: Nevi en Automobiel Management

 

Partner van Inkoperscafé

Industrie groeit weer, en fors – Nevi PMI® februari 52.9

Zoetermeer, 2 maart 2020 – De Nevi PMI van februari was 52.9, wat wijst op een forse verbetering van de bedrijfsomstandigheden in de Nederlandse productiesector na vijf maanden van krimp. Het was bovendien het hoogste cijfer in dertien maanden.

De productieomvang nam voor het eerst toe sinds september vorig jaar. De toename van de nieuwe orders was de grootste sinds augustus vorig jaar. Ook het aantal exportorders nam toe, zij het matig. De inkoop nam voor het eerst in vijf maanden toe. De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk daalde in februari opnieuw, zij het in de geringste mate in drie maanden.

De personeelsbestanden namen aanzienlijk toe en de inkoopactiviteiten werden voor het eerst in vijf maanden uitgebreid. De verlenging van de levertijden was de grootste sinds december 2019, waarin de eerste gevolgen van de uitbraak van COVID-19 zichtbaar werden. De voorraad eindproducten daalde voor de zesde maand en de voorraad ingekochte materialen voor de vijfde maand op rij.

De inkoopprijsinflatie was opnieuw fors, maar minder groot dan in januari. De verkoopprijzen stegen bescheiden en minder dan in januari. Bedrijven bleven positief over de toename van de productieomvang in de komende twaalf maanden, zij het minder dan in januari.

Redactioneel commentaar prof. dr. ir. Bart Vos, Scientific Director Brightlands Institute for Supply Chain Innovation (BISCI) en verbonden aan Maastricht University:

Er is net als vorige maand goed nieuws te melden over de PMI: de index steeg van 49.9 in januari naar maar liefst 52.9, het hoogste cijfer in ruim een jaar. Deze positieve ontwikkeling wordt echter helaas overschaduwd door de uitbraak van het Corona (COVID-19) virus. De gevolgen van deze uitbraak zijn de laatste weken steeds voelbaarder geworden. Uiteraard is dit met nu al duizenden doden in eerste instantie een tragedie vanuit het oogpunt van wereldgezondheid, maar ook economisch gezien is de impact enorm.”

In de laatste PMI-rapportage was die impact al zichtbaar in de vorm van oplopende levertijden. Respondenten wezen dit vooral toe aan een toenemende druk op hun aanvoerketen als gevolg van de uitbraak van COVID-19 in China. Kanttekening daarbij is dat de dataverzameling voor de PMI plaats vond in de periode 12-20 februari en toen was de uitbraak zeker nog niet op haar hoogtepunt. Vooral in de laatste weken van februari nam de uitbraak zowel geografisch (in steeds meer landen, inclusief Nederland) als absoluut gezien, steeds grotere vormen aan. Resulterend in toenemende onrust op beurzen en bij bedrijven. De Nederlandse werkgeversorganisatie VNO-NCW verwacht dat de COVID-19 uitbraak, in combinatie met de Brexit gevolgen en de stikstofmaatregelen, de verwachte economische groei dit jaar met enkele tienden van procentpunten kan verlagen.

De economische gevolgen zijn uiteraard nu al het meest zichtbaar in China. De Chinese PMI bereikte in februari een historisch dieptepunt, met 35.7 was de index zelfs lager dan tijdens de crisis in 2008. In januari stond de Chinese PMI nog net boven de 50 (51.1). Een forse daling was al wel voorzien, maar de meeste voorspellingen kwamen nog wel boven de 40 uit, dat valt dus tegen. En niet alleen voor de Chinese economie, ook internationale productieketens worden onderbroken. Dit effect zal zeker niet overal zo sterk zijn, maar het lijkt onvermijdelijk dat ook de Nederlandse PMI last gaat hebben van deze ontwikkelingen. Daarbij zullen de gevolgen wel per sector verschillen. Uit een recente publicatie van The Economist blijkt dat vooral bedrijven met beperkte voorraadbuffers en weinig alternatieve leveranciers risico lopen. Uit cijfers van dit gezaghebbende tijdschrift blijkt dat dit vooral in de hightech sector het geval is. Ook bedrijven in de farmaceutische en auto-industrie lopen een bovengemiddeld risico. Heel concreet hebben bedrijven als Apple (mondiaal) en Coolblue (in Nederland) al aangegeven tekorten in de aanvoer van producten uit (met name) China te verwachten.

In meer algemene zin vormen de gevolgen van de uitbraak van het COVID-19 virus een illustratie van onderlinge afhankelijkheid in en kwetsbaarheid van mondiale ketens. Het goede nieuws is dat bij eerdere crises is gebleken dat er voldoende veerkracht in die ketens aanwezig is om te herstellen van deze uitbraak. Dat zal echter wel minimaal enkele maanden vergen, het volgen van de PMI zal de komende tijd dus zeker niet saai zijn.

Partner van Inkoperscafé

Wat zegt de inkoopmanagersindex PMI?

De Nevi PMI (purchasing managers’ index) of – op zijn Nederlands – de inkoopmanagersindex, steeg van 48.3 in december naar 49.9 in januari. Nevi bracht dit nieuws met de vermelding dat er nog steeds krimp is in de Nederlandse productiesector, maar dat deze bijna verwaarloosbaar is. De inkopersvereniging maakt de Nevi PMI maandelijks bekend. Wat houdt deze index eigenlijk in en wat is de betekenis ervan?

Iedere eerste werkdag van de maand publiceert Nevi de Nevi PMI (in dit artikel verder PMI genoemd) voor Nederland. Dit indexcijfer geeft het vertrouwen weer van inkoopmanagers in de economie. Het doel van de PMI is volgens Nevi ‘om informatie te verstrekken over huidige en toekomstige zakelijke voorwaarden aan inkoopmanagers, besluitvormers en investeerders van bedrijven’. Inkopers kunnen de gegevens uit de PMI gebruiken als onderbouwing voor inkoopkeuzes. “Het is een tool voor inkoopprofessionals om hun werk beter te doen. Nevi richt zich op ondersteuning van inkoopprofessionals en dit past daarin”, licht Nevi bij navraag toe.

Invloedrijke inkopers
Door het volgen van de inkooptrends geeft de PMI volgens Nevi een actueel beeld van de economische ontwikkeling van de Nederlandse productiesector. De PMI loopt meestal vooruit op veranderingen in de economische activiteit en productie. Financiële deskundigen en media beschouwen de ontwikkeling en beweging van de PMI dan ook als een belangrijke factor in de economie.

Volgens Nevi hebben inkopers veel invloed op onze economie. Emeritus Nevi hoogleraar Arjan van Weele onderstreept dit in een filmpje op de site van de inkopersvereniging: “Zetten inkopers meer contracten in de markt, dan hebben leveranciers en bedrijven het drukker. Als inkopers minder contracten afsluiten dan hebben bedrijven minder te doen.” Alle reden dus volgens Van Weele om inkopers goed in de gaten te houden. “De PMI houdt in dat we maandelijks het gedrag van inkopers in de praktijk volgen op basis van werkelijke cijfers. Inkopers rapporteren maandelijks de contracten die ze in de markt hebben gezet, de prijsniveaus waartegen ze contracten hebben afgesloten, de voorraad die ze hebben zien toe- of afnemen en de werkgelegenheid in hun bedrijf. Het is een uniek instrument om de economische ontwikkeling te volgen en geeft betrouwbare informatie over de economie.” 

400 bedrijven
Internationaal gezien zijn de belangrijkste bepalers van PMI’s het Institute for Supply Management (ISM), het Singapore Institute of Purchasing and Materials Management (SIPMM) en IHS Markit. De Nederlandse PMI wordt samengesteld door IHS Markit. De basis daarbij is een enquête onder een volgens IHS Markit representatief panel van ongeveer 400 bedrijven in de Nederlandse industrie. Dit panel is onderverdeeld op basis van het bruto binnenlands product (BBP) en het aantal werknemers. De respondenten krijgen vragen over productie, nieuwe orders, exportorders, ingekocht materiaal, inkoopprijs, werkgelegenheid, levertijden, voorraad ingekocht materiaal en voorraad gereed product.

De PMI-score ligt op, onder of boven de 50. Bij een PMI van 50 heeft er geen verandering plaatsgevonden. Is de inkoopmanagersindex lager dan 50, dan wijst dat op een dalende economische groei met de inschatting dat de productie en activiteiten afnemen. Ligt de PMI boven de 50, dan duidt dat op een groeiende economie en meer vertrouwen. Hoe meer de index verschilt van 50, hoe meer de economie verandert.

De rekenformule voor de PMI is: PMI = (P1 * 1) + (P2 * 0,5) + (P3 * 0)

Hierbij is:

P1 = percentage antwoorden dat een verbetering meldt

P2 = percentage antwoorden dat geen wijziging meldt

P3 = percentage antwoorden dat een verslechtering meldt.

De Nevi PMI bestaat uit negen deelindexen. Het gaat daarbij om het aantal exportorders, de werkgelegenheid, de voorraden ingekocht materiaal en gereed product, de hoeveelheid ingekocht materiaal, de levertijden, de inkoopprijs, het aantal nieuwe orders en de productiecijfers. Daarnaast geeft de PMI een overzicht van prijsdalingen en –stijgingen per grondstof of productgroep. Nevi legt uit dat de deelindexen een tendens weergeven. Daarnaast geeft de grondstoffenpagina informatie over de ontwikkelingen van grondstoffen die voor inkopers van belang zijn.

Deelnemerspanel
Henk Schiere is senior strategic buyer bij Apollo Vredestein. Hij vertelt op de site van Nevi dat hij de informatie uit de PMI onder andere gebruikt om de interne stakeholders te informeren. Daarnaast doet Schiere bijvoorbeeld een beroep op de informatie uit de PMI bij gesprekken met leveranciers, als hij denkt dat er een voorraadtekort dreigt. Vanwege kostenafwegingen besteedt Apollo Vredestein meer uit, waardoor het steeds afhankelijker wordt van leveranciers. “Daarom is het nog belangrijker dat wij goed weten wat er in de markt gebeurt, zodat we daar vroegtijdig op kunnen inspelen”, legt Schiere uit.

Schiere is blij met de informatie die de PMI hem biedt. “Natuurlijk kun je ook veel marktinformatie online vinden, maar je moet je altijd afvragen wat de kwaliteit daarvan is. Bovendien kost dergelijk eigen research veel tijd. De PMI geeft een gedegen overzicht van de ontwikkeling in de Nederlandse industrie en de prijsontwikkelingen in een heel breed scala aan productgroepen.”

Een kanttekening van hem is dat de 400 bedrijven die de data voor de PMI aanleveren anoniem zijn. “Ik zou wel graag willen weten hoeveel bedrijven zich op de inkoopcategorieën richten die ook voor ons interessant zijn en hoe groot het inkoopvolume van die bedrijven is. Want uiteindelijk bepaalt dat natuurlijk de echte waarde van dit instrument.”

Volgens Nevi is een specificatie van de inkoopmanagersindex niet mogelijk. “De PMI wordt gemaakt door IHS Markit. Nevi heeft daar geen invloed op. Het is een van de vele PMI’s die IHS Markit maakt. Dat gebeurt allemaal volgens hetzelfde systeem. We hebben bijvoorbeeld gekeken of duurzaamheid er in naar voren kon komen, maar dat was niet mogelijk. Nevi gaat ook niet over het deelnemerspanel. We weten niet wie daarin zitten. Dat kan ook niet, omdat het om een onafhankelijk instrument en onderzoek gaat.”

Belangrijke economische indicator
Maarten Erasmus, managing consultant bij  inkoopdienstverlener Emeritor, denkt niet dat de PMI van veel waarde is voor inkopers zelf. “Als algemeen cijfer over groei of krimp per sector is hij veel te grof. De inkoop van materialen vraagt om veel specifiekere informatie die afhangt van de branche. Inkopers doen daarom liever een beroep op branchespecifieke indexen. Het gaat om indexen waarvoor de inkopers in de branche cijfers aanleveren, die daarna in algemene vorm worden gedeeld met de andere deelnemers.” Daarom is het volgens Erasmus niet logisch dat NEVI zich inspant om de PMI wereldkundig te maken, omdat de leden er weinig aan hebben. “Overigens hebben inkopers natuurlijk wel informatie die interessant is voor andere inkopers. Maar die delen zij niet. Om tactische redenen. De echt interessante informatie blijft onder de pet.”

Erasmus ontkent niet dat de Nederlandse PMI een van de belangrijkste indicatoren voor onze economie is. “Zo hanteren banken de index bijvoorbeeld bij het bepalen van de rentevoet. Daarnaast is het een vroege economische voorspeller. Plaatsen inkopers in de industrie meer orders, dan kun je erop rekenen dat de productie en verkopen gaan stijgen. De PMI is gebaseerd op feiten en is daarmee niet alleen een vroege, maar ook een betrouwbare indicator.” Hij meent dan ook dat de PMI vooral interessant is voor economen, investeerders en beleggers, maar niet voor de oorspronkelijke doelgroep, de inkoopmanagers.

Nevi beklemtoont dat het bij PMI om een instrument vanuit inkoop gaat over wat de markt gaat doen. “De inkoper ziet op het eigen bureau wat de trends zijn en wat de grondstoffen gaan doen. Daarnaast kan de afdeling inkoop er de algemene ontwikkelingen op inkoopgebied mee laten zien aan het management.”

Dit overtuigt Erasmus niet. “Voor specifieke ontwikkelingen zijn er speciale indexen (bijvoorbeeld voor grondstoffen) die inkopers kunnen volgen in plaats van de PMI. Ik kan me ook niet voorstellen dat het management zit te wachten op een overzicht van de algemene ontwikkelingen op inkoopgebied. De index geeft een belangrijk inzicht aan economen, maar niet aan inkopers.”

Inzicht in trends
De waarde van de PMI lijkt vooral te liggen in de trends op het gebied van economie en inkoop die de inkoopmanagersindex laat zien. Vooral voor economen is het een belangrijk instrument om te kijken waar het met de economie naar toe gaat. Aan inkopers geeft het met name een algemeen beeld. Zij kunnen de PMI in combinatie met branche- en bedrijfsspecifieke informatie gebruiken om hun beleid voor de komende periode te bepalen.    

Partner van Inkoperscafé

Erasmus University en Nevi verlengen leerstoel inkoop zorg

Op 23 januari werd de financiële ondersteuning verlengd van de leerstoel Purchasing & Supply Management in Inkoopmanagement in de Zorg van Prof.dr.ir Erik van Raaij aan Rotterdam School of Management, Erasmus University (RSM). Zo bericht Nevi. RSM en Nevi (de Nevi Research Commissie) bekrachtigden daarmee hun samenwerking om inkoop van en voor zorg op een hoger niveau te brengen.

Voor de inkoop van zorg worden zorgaanbieders gecontracteerd, waarbij de inkopers de financiers van de zorg zijn. Zorgaanbieders zijn de inkopende partij bij inkoop voor de zorg. Daarvoor contracteren zij leveranciers van medische en niet-medische goederen en diensten. Het onderwijs voor inkoopmanagement in de zorg gebeurt onder andere via het keuzevak Healthcare Procurement & Value Chain Management (HPVCM). Masterstudenten van twee verschillende opleidingen aan de van RSM kunnen dit vak samen volgen. Het gaat om studenten van de opleiding Supply Chain Management en voltijds – en deeltijdstudenten van de opleiding Health Care Management / Zorgmanagement. Nevi speelt bij dit keuzevak een rol, bijvoorbeeld bij de workshop Negotiation Skills. Hierbij nemen Nevi-leden deel aan een rollenspel met studenten.

Afstudeerproject
Verder worden vanuit de leerstoel jaarlijks zo’n tien studenten begeleid bij hun afstudeerproject op het gebied van inkoop van of voor zorg. Vaak gaat het dan om zogeheten ontwerpgerichte onderzoeken, met concrete oplossingen voor praktische vraagstukken. Voor het formuleren van onderzoeksvragen vinden regelmatig gesprekken plaats met leden van Nevi, Nevi Research Commissie, het Nevi-bestuur en het Nevi Zorg-bestuur. De financiële ondersteuning door Nevi gaat de komende jaren deels naar promotieonderzoeken. Daarnaast kan de RMS de bijdrage gebruiken voor tijdelijke onderzoeksassistenten.

Bron: Nevi

Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres