Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Partner van Inkoperscafé:

Grootste groei orders in bijna 3 jaar – Nevi PMI® december 58.2

Zeist, 4 januari 2021 – De Nevi PMI® van december is uitgekomen op 58.2, de grootste verbetering van de bedrijfsomstandigheden sinds september 2018. De import- en exportorders namen beide toe in de grootste mate sinds februari 2018.

De groei van de orders leidde tot de op een na grootste toename van de productie in twee jaar. De inkoopactiviteiten werden in de grootste mate in 27 maanden uitgebreid, waardoor de materiaalvoorraad aanzienlijk toenam. Verstoringen in de toeleveringsketen door COVID-19 leidden ondertussen tot de grootste verlenging van de levertijden sinds april.

De inkooprijsinflatie was de hoogste in meer 2 jaar en de verkooprijzen stegen in de grootste mate sinds januari 2019. De werkgelegenheid bleef groeien, zij het nog steeds bescheiden. De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk nam voor het eerst sinds maart toe. De panelleden bleven even positief over de vooruitzichten als vorige maand.

“Hoewel de coronacrisis allerminst voorbij is, laat de industrie een krachtig herstel zien”, zegt Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO. “Zowel de nieuwe exportorders als de binnenlandse nieuwe orders schoten omhoog, ondanks de recessie in de eurozone en de lockdowns in diverse landen. Het lijkt erop dat de vraag naar industriële producten toeneemt doordat de economische vooruitzichten zijn verbeterd als gevolg van de komst van werkende vaccins. Een andere verklaring voor de stijging van het aantal nieuwe exportorders is de sterke groei van de Chinese industrie, die leidt tot meer import uit bijvoorbeeld Duitsland, dat op zijn beurt veel onderdelen uit Nederland importeert. De deelindicator voor de toekomstige productie blijft ten opzichte van november onveranderd op 71.0; de hoogste score in jaren. Het is duidelijk dat ondernemers rekenen op een krachtig economisch herstel in 2021.” 

Nederlandse industrie ziet nieuwe orders omhoog schieten
De industriële productie steeg sterk. Bovendien lijkt het erop dat de vraag zo snel aantrekt dat bedrijven het tempo niet kunnen bijbenen. Zowel de inkoop- als de afzetprijzen namen scherp toe, een duidelijk teken dat de vraag verbetert en dat breed herstel optreedt. Voor het eerst sinds het begin van de coronacrisis groeiden de orderportefeuilles. Hoewel dit deels werd veroorzaakt door leveringsproblemen, is dit een goed teken omdat het duidt op toenemende vraag.

Ook tekort aan personeel vormt een rem op de productie. Waarschijnlijk zullen ondernemers meer personeel aannemen om de productie verder op te schalen. Indien ook toeleveranciers meer kunnen produceren, kunnen de levertijden weer wat korter worden, waardoor de Nederlandse industrie in januari de productie verder kan opvoeren. Wel kan de brexit in januari leiden tot vertraging, met name in de auto-industrie.

Het optimisme omtrent de verwachte productie over twaalf maanden bleef onverminderd hoog, ondanks het toenemende aantal besmettingen.

Drie deelindices uitgelicht:

Productie
De productieomvang bij de Nederlandse industriële bedrijven groeide in december opnieuw. Hiermee komt de huidige periode van groei op vijf maanden. De respondenten schreven deze laatste groei toe aan de verbetering van de vraag bij het aanhoudende herstel van de impact van de pandemie bij de markten. Deze stijging was bovendien aanzienlijk en op september 2020 na de grootste sinds december 2018.

Nieuwe exportorders
De buitenlandse vraag naar in Nederland geproduceerde goederen steeg in december opnieuw fors en in de grootste mate sinds februari 2018. De panelleden gaven aan dat deze laatste stijging het gevolg was van de versoepeling van de lockdownmaatregelen en de verbetering van de vraag in belangrijke exportmarkten.

Werkgelegenheid
De werkgelegenheid groeide in december voor de tweede maand op rij. Er werd melding gemaakt van een uitbreiding van de personeelsbestanden om de grotere huidige en toekomstige vraag te kunnen verwerken. De banengroei was bescheiden, maar wel de grootste sinds februari. De gegevens voor de subsectoren lieten echter verschillen zien. De personeelsuitbreidingen bij de producenten van investeringsgoederen en halffabricaten stonden in contrast met het hernieuwde banenverlies in de subsector consumptiegoederen.

Partner van Inkoperscafé:

Grootste groei in 22 maanden – Nevi PMI® november 54.4

De Nevi PMI® van november is uitgekomen op 54.4 en markeert daarmee de grootste verbetering van de bedrijfsomstandigheden sinds januari 2019.

De productie groeide sneller dan vorige maand, opgestuwd door de grootste toename van de nieuwe orders sinds december 2018. De nieuwe orders uit het buitenland namen aanzienlijk toe en deze toename was voor de vierde maand op rij groter dan de maand ervoor.

Deze ontwikkelingen leidden tot de eerste banengroei sinds februari, zij het bescheiden en vaak ingevuld door tijdelijke krachten. De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk bleef afnemen, maar deze afname was de kleinste in acht maanden.

De inkoopactiviteiten namen in de grootste mate toe sinds augustus en de levertijden zagen de grootste verlenging sinds mei. De voorraad ingekochte materialen groeide voor de eerste keer sinds april en de voorraad gereed product daalde verder. De inkoopprijzen stegen in de grootste mate sinds januari en de verkooprijsinflatie was de grootste sinds april.

Tot slot steeg de toekomstige productie index naar het hoogste niveau in twee jaar.

Industrie veel optimistischer dankzij vaccins en nieuwe orders
“Ondernemers zien duidelijk licht aan het eind van de tunnel”, zegt Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO. “De deelindicator voor de verwachtingen van de productie over twaalf maanden schoot omhoog van 62,0 naar 71,0, de hoogste stand sinds twee jaar. Het plotseling opverende vertrouwen in de economie is waarschijnlijk het gevolg van het nieuws over vaccins. Ondanks de gedeeltelijke lockdowns die een aantal Europese landen eind oktober hebben aangekondigd, zijn de nieuwe exportorders verder toegenomen. Ook binnen Nederland nam de vraag in november flink toe, vooral naar kapitaalgoederen. Het lijkt erop dat sommige ondernemers investeringen die zij vanwege de pandemie hadden uitgesteld nu alsnog doorzetten na het goede nieuws over vaccins, wat resulteert in meer vraag naar machines.”

Licht aan het einde van de tunnel
De Nevi Inkoopmanagersindex voor de Nederlandse industrie wijst op een veel optimistischer stemming dan een maand geleden. Ondanks de gedeeltelijke lockdowns die een aantal Europese landen eind oktober hebben aangekondigd, zijn de nieuwe exportorders verder toegenomen. Ook binnen Nederland nam de vraag in november flink toe, vooral naar kapitaalgoederen. Het lijkt erop dat sommige ondernemers investeringen die zij vanwege de pandemie hadden uitgesteld nu alsnog doorzetten na het goede nieuws over vaccins, wat resulteert in meer vraag naar machines.

Hoewel Europa een nieuwe recessie in glijdt, zijn er goede redenen om voorzichtig optimistisch te zijn. Uit testresultaten blijkt dat verscheidene vaccins veel effectiever zijn dan veel deskundigen hadden verwacht. Goede vaccins zijn essentieel voor krachtig economisch herstel in 2021. Daarnaast groeit de Duitse industrie stevig door, terwijl Frankrijk het moeilijk heeft. Het Duitse herstel is deels te danken aan een oplevende export naar China, waar de industriële productie gestaag doorgroeit. Duitsland importeert op zijn beurt veel industriële producten uit Nederland.

Voor het eerst sinds het begin van de coronacrisis nam de werkgelegenheid in de industrie toe, zij het in geringe mate. Vooral producenten van kapitaalgoederen namen extra mensen aan. Er is meer capaciteit nodig om de stijgende vraag aan te kunnen, maar er zijn ook ondernemers die alvast personeel aannemen ter voorbereiding op verder herstel. Ondernemers zien duidelijk licht aan het eind van de tunnel. De deelindicator voor de verwachtingen van de productie over twaalf maanden schoot omhoog van 62,0 naar 71,0, de hoogste stand sinds twee jaar. Het plotseling opverende vertrouwen in de economie is waarschijnlijk het gevolg van het nieuws over vaccins. 

Op korte termijn zorgt ook de brexit voor extra activiteit. Sommige ondernemingen kopen extra voorraad vanwege het aflopen van de transitieperiode aan het eind van dit jaar. Hoe de handelsrelatie tussen de Britten en het Europese vasteland er volgend jaar precies uit komt te zien, is nog steeds onduidelijk. Voorheen hamsterden veel industriële bedrijven voor elke belangrijke brexit-deadline veel extra voorraad. Gezien het feit dat de prijzen van grondstoffen en industriële goederen nu al stijgen, wat duidt op duidelijk toenemende vraag, en industriële ondernemers toch al langer moeten wachten op materialen en onderdelen, lijkt het waarschijnlijk dat de druk op toeleveringsketens tegen het eind van het jaar verder toeneemt.

Nieuwe orders
De Nederlandse producenten maakten in november melding van de grootste toename van het aantal ontvangen nieuwe orders in bijna twee jaar. De respondenten gaven aan dat deze forse toename het gevolg was van een verbetering van de vraag en een versoepeling van de COVID-19-maatregelen. Op sectorniveau werd de grootste stijging genoteerd door de producenten van investeringsgoederen. Tegelijkertijd stabiliseerde grotendeels de toename van het aantal orders in de subsector consumptiegoederen.

Inkoopprijzen
De gegevens voor november wijzen opnieuw op een grotere kostendruk bij de Nederlandse productiebedrijven. Hiermee komt de huidige periode van inflatie op vier maanden. Deze laatste stijging was bovendien de grootste sinds januari 2019. De panelleden schreven deze inflatie in november vooral toe aan hogere grondstofkosten en prijsstijgingen bij leveranciers.

Verkoopprijzen
De hogere inkoopprijzen werden in november over het algemeen en waar mogelijk aan klanten doorberekend. De verkoopprijzen bij de Nederlandse productiebedrijven stegen fors en in de grootste mate sinds april 2019.

Partner van Inkoperscafé:

Groei zakt in – Nevi PMI® oktober 50.4

De Nevi PMI® van oktober kwam uit op 50.4, wat betekent dat de verbetering van de bedrijfsomstandigheden bijna tot stilstand kwam. De productie index daalde met meer dan 5 punten tot net boven de 50. Hetzelfde gold voor de nieuwe orders als totaal, met in sommige sectoren zelfs een daling van de verkoop. De exportorders bleven aanzienlijk stijgen, maar ook hier was er een teruggang ten aanzien van de vorige maand te zien.

De groei van de inkoopactiviteiten daalde naar een laag niveau en de voorraad ingekochte materialen daalde in de grootste mate in drie maanden. Ook de voorraad gereed product was kleiner. De werkgelegenheid bleef dalen, maar minder dan in september. De achterstanden in de productie daalden aanzienlijk, zij het in de geringste mate in zeven maanden. De levertijden namen aanzienlijk toe.

De inkoopinflatie was het grootst sinds april 2019, terwijl de verkoopprijzen slechts in geringe mate stegen. De vooruitzichten voor de productieomvang over twaalf maanden waren nog steeds positief, maar historisch gezien somber.

‘Herstel industrie gesmoord door tweede coronagolf’
“De Nevi Inkoopmanagersindex over oktober staat met 50.4 nog net boven de ‘neutrale’ stand van 50, wat duidt op lichte groei. Toch lijkt het onwaarschijnlijk dat het herstel van de industrie de komende maanden doorzet”, zegt Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO. “Deze score is gebaseerd op de resultaten van een rondvraag tussen 12 en 22 oktober. De 350 ondervraagde inkoopmanagers konden dus nog geen rekening houden met de vorige week afgekondigde gedeeltelijke lockdowns in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Het economische herstel in Europa wordt daardoor in de kiem gesmoord.”

Redactioneel commentaar van Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO
Het herstel van de Nederlandse industrie verliest aan kracht. De deelindicatoren voor zowel de productie als de nieuwe orders zijn gedaald ten opzichte van de vorige maand. De Nevi Inkoopmanagersindex over oktober staat met 50.4 nog net boven de ‘neutrale’ stand van 50, wat duidt op lichte groei. Toch lijkt het onwaarschijnlijk dat het herstel van de industrie de komende maanden doorzet. De tweede golf van oplopende coronabesmettingen noopt onder meer Duitsland en Frankrijk tot gedeeltelijke lockdowns. Het economische herstel in Europa wordt daardoor in de kiem gesmoord. ABN AMRO verwacht dat de gedeeltelijke lockdowns de komende maanden leiden tot een afname van de vraag naar industriële goederen.

Sinds de zomer klom de Nederlandse industrie langzaam uit het dal van de eerste lockdown, die duurde van half maart tot en met mei. Vooral de nieuwe exportorders namen duidelijk toe en trokken de Nederlandse industrie uit het moeras. Ook in oktober profiteerden industriële ondernemers vooral van de export, zoals blijkt uit de deelindicator voor nieuwe exportorders, die een 53.2 scoorde.

Export onder druk
Deze scores zijn echter gebaseerd op de resultaten van een rondvraag tussen 12 en 22 oktober. De 350 ondervraagde inkoopmanagers konden dus nog geen rekening houden met de vorige week afgekondigde gedeeltelijke lockdowns in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. De hernieuwde sluiting van cafés en restaurants zal vermoedelijk leiden tot een afname van de vraag naar industriële producten zoals horecaverpakkingen en apparaten. Ook zullen de gedeeltelijke lockdowns bedrijfsinvesteringen in aanverwante sectoren verder onder druk zetten, zoals in het wegvervoer. ABN AMRO verwacht dat het herstel van de Nederlandse industrie daardoor stokt. De gedeeltelijke lockdown in Nederland begin oktober was voor de industrie slechts in beperkte mate een probleem, aangezien het merendeel van de productie afhankelijk is van de export. Nu ook Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk tot een gedeeltelijke lockdown besluiten, zal ook de export onder druk komen. Het krachtige herstel van de Chinese industrie, een belangrijk afnemer van industriële producten uit Europa, biedt waarschijnlijk onvoldoende tegenwicht.

De industrie krijgt dus te maken met een afname van de vraag. Tijdens de eerste coronagolf viel de vraaguitval samen met een omvangrijke ‘aanbodschok’, onder andere als gevolg van een tekort aan onderdelen uit China. Tijdens deze tweede coronagolf krijgt de industrie vermoedelijk alleen te maken met minder vraag. Aan de aanbodzijde is de situatie namelijk deze keer anders. Tijdens de eerste golf kampte vooral de auto-industrie nog met een tekort aan Chinese onderdelen, waardoor productielijnen stil vielen en fabrieken de deuren sloten. Ditmaal heeft China het virus onder controle, waardoor de aanvoer van Chinese onderdelen kan doorgaan.

Daarnaast is er deze keer naar verwachting voldoende aanbod van arbeid. Zo riep de Franse president Emmanuel Macron medewerkers op wel naar het werk te gaan indien dat echt nodig is. Fabrieksarbeiders worden dus gestimuleerd aan het werk te blijven. Ook het feit dat scholen in principe open blijven helpt daarbij. Tijdens de eerste golf moesten veel medewerkers thuis blijven om op de kinderen te passen. Een ander verschil is tot slot dat industriële ondernemers maatregelen hebben getroffen om besmettingen op de werkvloer te voorkomen, bijvoorbeeld door middel van desinfectie, controle van medewerkers op koorts, mondkapjes en sneltests.

Bedrijven verzwakt door eerste golf
Minder positief is dat veel industriële bedrijven al zijn verzwakt door de eerste coronagolf. De productie ligt nog altijd lager dan voor de pandemie. Orderportefeuilles nemen al sinds de crisis af, waardoor ondernemers gedwongen zijn nog meer medewerkers naar huis te sturen. Uit een enquête van branchevereniging FME bleek vorige week dat een op de drie industriële bedrijven een reorganisatie doorvoert.

Met name in de machinebouw staat de productie onder druk, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over augustus. De machinebouw is een belangrijke branche voor de Nederlandse industrie. De vraag naar machines is vooral afhankelijk van bedrijfsinvesteringen, die vanwege de coronacrisis in de meeste landen sterk zijn teruggeschroefd. Tot er een vaccin is, lijkt een snelle opleving van de vraag naar machines onwaarschijnlijk.

Partner van Inkoperscafé:

Seat kiest voor lokale leveranciers

Autofabrikant Seat heeft aan zestig van zijn belangrijkste leveranciers gemeld dat het bedrijf kiest voor ‘local sourcing’. De autoproducent wil daarin de komende jaren vijf miljard euro investeren. Zo meldt Nevi.

Duurzaamheid
Seat gaat meer een beroep doen op leveranciers in het eigen land Spanje. Momenteel maken de Spaanse toeleveranciers al zestig procent van de totale ‘spend’ uit. Zowel uit financieel als uit duurzaamheidsoogpunt wil het bedrijf zijn globale toeleveringsketens verkorten. Seat is ook met een sustainability rating (S-rating) gekomen om de prestaties van zijn leveranciers op het gebied van  duurzaamheid te evalueren en te stimuleren. Alle leveranciers van de autoproducent moeten een positieve S-rating behalen als ze een bestaand contract willen vernieuwen of verlengen.

Bron: Nevi

Partner van Inkoperscafé:

Nevi verhuist naar Zeist

Branchevereniging Nevi is verhuisd en bevindt zich vanaf 1 oktober op Landgoed de Breul in Zeist. Op de nieuwe locatie is ook Nevi House of Procurement te vinden, waar opleidingen, trainingen en kleine evenementen van Nevi plaatsvinden. Voorheen was Nevi gevestigd in Zoetermeer.

Partner van Inkoperscafé:

Nevi PMI naar 52.5: grootste groei in 7 maanden

De Nevi PMI® steeg van 52.3 in augustus naar 52.5 in september, de grootste verbetering van de industriële bedrijfsomstandigheden sinds februari. De productie steeg in de grootste mate sinds december 2018, veroorzaakt door een verbetering van de vraag. De groei in exportorders was aanzienlijk, zij het kleiner dan in augustus.

De achterstanden in de productie bleven aanzienlijk teruglopen en de werkgelegenheid nam voor de zevende maand op rij af. Deze laatste afname was echter geringer dan in augustus. De inkoopactiviteiten namen toe, zij het minder dan vorige maand. De voorraad ingekochte materialen nam af, evenals de voorraad gereed product. De verlenging van de gemiddelde levertijden was fors en de grootste in drie maanden. De inkoopprijzen stegen aanzienlijk, wat slechts gedeeltelijk werd doorberekend aan klanten. Daardoor stegen de verkoopprijzen slechts licht. Tot slot bleven de vooruitzichten voor de productie over twaalf maanden positief, maar minder dan in augustus.

Industrie groeit ondanks tweede coronagolf
“De industrie lijkt vooralsnog weinig last te hebben van het opnieuw oplopende aantal besmettingen met het coronavirus”, zegt Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO. “Tijdens de eerste golf sloten veel autofabrieken in Duitsland en andere Europese landen de deuren vanwege een gebrek aan onderdelen uit China. Dat resulteerde in april in een historische terugval van het aantal nieuwe exportorders. Deze keer lijkt China de situatie onder controle te hebben en ontstaat er dus geen tekort aan Chinese onderdelen. Daarnaast hebben Europese fabrieken maatregelen getroffen om besmetting op de werkvloer te voorkomen. ABN AMRO verwacht daarom dat de industriële productie tijdens deze tweede coronagolf betrekkelijk ongehinderd kan doorgaan, al blijven ziekteverzuim en verdere vraaguitval wel belangrijke risico’s.”

Nederlandse industrie groeit ondanks tweede coronagolf
De industrie lijkt vooralsnog weinig last te hebben van het opnieuw oplopende aantal besmettingen met het coronavirus. De Nevi Inkoopmanagersindex wijst op een verdere verbetering van de bedrijfsactiviteit in de Nederlandse industrie. De index verbeterde nog iets verder, van 52,3 in augustus naar 52,5 over september. De stijging was vooral het resultaat van een verdere opleving van de productie. Ook stegen de inkoop- en afzetprijzen. Nederlandse ondernemers profiteren daarnaast van de verdere toename van nieuwe exportorders, die te danken is aan het geleidelijke herstel van de industriële activiteit in de meeste landen.

In de rest van de eurozone is het beeld vergelijkbaar. Het herstel van de dienstensector wordt weliswaar afgeremd door de opnieuw oplopende aantallen besmettingen in de meeste Europese landen en een oplopende werkloosheid, maar in de industrie zet het voorzichtige herstel door dankzij de geleidelijk aantrekkende wereldhandel. Het herstel in de Chinese industrie vlakte in september wat af, maar de Caixin Inkoopmanagersindex (pdf) wijst nog steeds duidelijk op groei. Vermoedelijk heeft het Chinese herstel een gunstige invloed op nieuwe exportorders in de eurozone, met name bij onze belangrijkste handelspartner Duitsland. Bij onze oosterburen verbeterde de voorlopige inkoopmanagersindex voor de industrie van 57,7 in augustus naar 62,2 in september, de hoogste score in ruim tweeënhalf jaar tijd. Het verdere herstel in de Duitse industrie kan de komende maanden zorgen voor een verdere verbetering van nieuwe exportorders voor Nederlandse ondernemers.

De industrie lijkt vooralsnog weinig last te hebben van het opnieuw oplopende aantal besmettingen met het coronavirus

Albert-Jan Swart, sectoreconoom Industrie bij ABN Amro

Desalniettemin blijft de coronacrisis de industrie achtervolgen. Hoewel de nieuwe orders na de rampzalige terugval in april momenteel verder aantrekken, blijven de orderportefeuilles in hoog tempo slinken. Dit betekent dat meer uitstaande orders worden afgewerkt of mogelijk zelfs worden teruggetrokken dan er aan nieuwe orders binnenkomt. Veel bedrijven schrappen daarom nog steeds banen om kosten te besparen. Naast financiële zorgen zijn er ook operationele problemen, bijvoorbeeld reisbeperkingen, waardoor technisch personeel niet overal beschikbaar kan zijn.

Nederland kampt momenteel met een tweede coronagolf. ABN AMRO verwacht dat de gevolgen voor de Nederlandse industrie deze keer relatief beperkt zijn. Tijdens de eerste golf sloten veel autofabrieken in Duitsland en andere Europese landen de deuren vanwege een gebrek aan onderdelen uit China. Dat resulteerde in april in een historische terugval van het aantal nieuwe exportorders. Deze keer lijkt China de situatie onder controle te hebben en ontstaat er dus geen tekort aan Chinese onderdelen. Daarnaast hebben Europese fabrieken maatregelen getroffen om besmetting op de werkvloer te voorkomen. ABN AMRO verwacht daarom dat de industriële productie tijdens deze tweede coronagolf betrekkelijk ongehinderd kan doorgaan, al blijven ziekteverzuim en verdere vraaguitval wel belangrijke risico’s.

Partner van Inkoperscafé:

Inkopers hebben sleutelpositie in circulaire economie

Voor inkopers kan een belangrijke rol zijn weggelegd in de overgang van een weggooicultuur naar een circulaire economie. Zo constateert Petra Neessen in haar promotie-onderzoek ‘Closing the Loop: Intrapreneurship and Circular Purchasing’. Zij is promovendus aan de faculteit Managementwetenschappen van de Open Universiteit. Op vrijdag 2 oktober 2020 verdedigt zij online haar proefschrift. Dit bericht FM.nl.

Organisaties hebben duurzame businessmodellen nodig. Neessen gaat in haar proefschrift in op de circulaire economie. Dat is een systeem van gesloten kringlopen, waarin grondstoffen, onderdelen en producten zo min mogelijk waarde verliezen, afval zoveel mogelijk terug in de keten komt en hernieuwbare energiebronnen worden toegepast. Inkopers zijn verantwoordelijk voor de selectie van leveranciers. Ze hebben daarmee een directe invloed op de rol van de organisatie binnen de keten en nemen een strategische positie in. Zo kunnen ze van onderuit een overgang naar circulariteit in gang zetten. Volgens Neessen zijn ze intrapreneurs: inkopers die nieuwe kansen zien, innovatief zijn en risico’s durven nemen, met als doel het zorgen voor nieuwe producten en diensten.

Circulair inkopen
Ondernemende inkopers met voldoende bewegingsvrijheid kunnen belangrijke stappen zetten. Het succes van de individuele inkoper wordt echter beïnvloed door de mogelijkheden die de inkoper krijgt in zijn of haar functie en de omgeving waarin de inkoper functioneert. Circulair inkopen vraagt volgens Neessen dan ook om een andere aanpak van organisaties, inkopers en andere stakeholders. Haar promotieonderzoek is onderdeel van het NWO researchprogramma Sustainable Business Models, dat wordt betaald door NWO en kennisnetwerk Nevi.

Bron: FM.nl

Partner van Inkoperscafé:

Industrie groeit weer – Nevi PMI® augustus 52.3

De Nevi PMI®  steeg van 47.9 in juli naar 52.3 in augustus. Dit wijst op de eerste verbetering van de bedrijfsomstandigheden sinds maart.

De productieomvang nam voor de eerste keer sinds februari toe en deze toename was aanzienlijk. De nieuwe orders herstelden zich krachtig, waarbij de export orders de grootste stijging in bijna twee jaar lieten zien. Desondanks verkleinden de Nederlandse producenten hun personeelsbestanden opnieuw, zij het in beperkte mate. De hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk daalde voor de vijfde maand op rij. De gemiddelde levertijden waren opnieuw langer, waarbij de subsector consumptiegoederen de grootste verslechtering liet zien.

Voor het eerst sinds februari namen de inkoopactiviteiten toe. Toch bleven de materiaalvoorraad en de voorraad eindproducten aanzienlijk dalen. De inkoopprijzen stegen voor het eerst sinds maart en ook de verkoopprijzen namen toe. Het optimisme over de toekomstige productie bereikte het hoogste niveau in zes maanden.

“De Nederlandse industrie laat haar veerkracht zien door hogere productiecijfers en veel nieuwe exportorders in de maand augustus”, zegt David Kemps, sector banker Industrie bij ABN AMRO. “Voor het eerst sinds de uitbraak van het coronavirus klimt de Nevi Inkoopmanagersindex naar een stand van 52.3, mooi boven de neutrale stand van 50. De versoepeling van de lockdowns in verschillende Europese landen en de opgaande lijn van met name de Duitse industrie zorgt ervoor dat de Nederlandse inkoopmanagers voorzichtig positief zijn over de bedrijfsactiviteit in de komende maanden.” Daarnaast is het sentiment over de productie over twaalf maanden verder verbeterd, waaruit blijkt dat industriële ondernemers rekenen op economisch herstel in 2021.

Redactioneel commentaar van David Kemps, sector banker Industrie bij ABN AMRO:

Nederlandse industrie krabbelt langzaam op dankzij aantrekkende export
De stemming onder Nederlandse inkoopmanagers is in augustus verder verbeterd en in positief vaarwater gekomen. Na het dieptepunt in juni van de Nevi Inkoopmanagersindex, die de stemming onder industriële bedrijven meet, en een eerste herstel in juli, wijst de verdere toename in augustus op een omslag in de sector. De index ligt nu namelijk weer boven de 50, wat betekent dat de krimp van de afgelopen maanden heeft plaatsgemaakt voor groei van de bedrijfsactiviteit ten opzichte van de vorige maand. Voorzichtigheid blijft echter geboden, want de industriële productie ligt nog steeds een stuk lager dan voor de coronacrisis. 

De Nederlandse industrie laat haar veerkracht zien door hogere productiecijfers en veel nieuwe exportorders in de maand augustus

David Kemps, sector banker industrie bij ABN Amro

Net als in veel andere landen zit het aantal nieuwe orders en de productie in de lift. Het aantal nieuwe orders trekt ten opzichte van de afgelopen maanden wel wat aan, met name vanwege een toename van nieuwe exportorders. De deelindicatoren over nieuwe orders en productie laten over augustus een positief beeld zien met scores van respectievelijk 54.4 en 54.7.

Het is nog te vroeg om te juichen. De Nevi inkoopmanagersindex meet de activiteit ten opzichte van de vorige maand. Er is maand-op-maand sprake van een stijging, maar vergeleken met dezelfde periode vorig jaar ligt de productie vermoedelijk nog altijd duidelijk lager. Uit de deelindicator voor openstaande orders blijkt bovendien dat de orderportefeuilles in augustus verder zijn geslonken. Dit duidt erop dat de vraag nog steeds op een laag niveau ligt. Eerder waarschuwden brancheverenigingen zoals Koninklijke Metaalunie, FME en de NRK al voor een harde omzetklap na de zomervakantie. Uit hun enquêtes bleek dat veel van hun leden weliswaar in de maanden maart tot juli nog konden doorwerken aan bestaande orders, maar het orderboek na de zomer bleef nog erg leeg.

De crisis is dus nog niet voorbij. Een groot deel van de industriële ondernemers ziet dat deze coronacrisis een langdurig negatief effect zal hebben op hun activiteiten en omzet. De verwachting is dat de vele inmiddels opgestarte reorganisaties later dit jaar leiden tot oplopende werkloosheid, lagere productie, dalende investeringen en minder innovaties.

Met name ondernemers in het mkb profiteren vertraagd van de aantrekkende export en kunnen in het algemeen minder goed snijden in hun kostenstructuur. Zij zullen pas personeel ontslaan als het echt niet anders meer kan, omdat zij hun technische medewerkers vanwege de arbeidskrapte van de afgelopen jaren met veel moeite hebben binnengehaald en opgeleid. Hulpmaatregelen zoals de NOW-regeling en het uitstel van belasting-, rente- en aflossingsbetalingen zorgen nu nog voor een tijdelijke lastenverlichting voor het mkb. De komende periode zullen de mkb-ondernemers echter meer structurele maatregelen moeten nemen om hun kostenstructuur te verlagen indien de omzet en nieuwe orders niet snel genoeg toenemen.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) berekende onlangs dat de omzet van de industrie in het tweede kwartaal van dit jaar 16,6 procent lager lag dan in dezelfde periode van 2019. Vooral ondernemers in zwaar getroffen subsectoren, zoals de transportmiddelenindustrie, de chemie en de textiel-, kleding- en lederindustrie zullen alles op alles moeten zetten om omzetdalingen van soms wel 75 procent in de maanden april en mei weer goed te maken.

ABN AMRO verwacht dat de industriële productie voorlopig nog op een lager niveau zal liggen dan voor de coronacrisis, onder andere door een hernieuwde recessie in de eurozone vanaf het vierde kwartaal. Toch zijn de stand van de Nevi Inkoopmanagersindex boven de 50 en de aantrekkende nieuwe orders goed nieuws. Het lijkt erop dat de Nederlandse industrie het dieptepunt van de crisis achter zich heeft gelaten.

Drie deelindices uitgelicht:

Productie Index
Na het recorddieptepunt in april bleef de seizoensmatig aangepaste Productie index in augustus in forse mate stijgen en kwam voor de eerste keer sinds februari uit boven de geen-veranderingsgrens van 50.0. Dit was bovendien de grootste stijging van de productieomvang sinds januari 2019. Er zijn aanwijzingen dat de toename het gevolg was van de verbetering van de vraag.

Werkgelegenheid index
De gegevens voor augustus lieten een verdere daling zien van de werkgelegenheid in de Nederlandse productiesector. Hiermee komt de huidige periode van krimp op zes maanden. De respondenten maakten in verband met dit laatste verlies aan arbeidsplaatsen regelmatig melding van ontslagen vanwege de voortgaande COVID-19-pandemie.

Het banenverlies was echter bescheiden en het kleinste sinds maart. Een aantal bedrijven maakte bovendien melding van een uitbreiding van hun personeelsbestanden in afwachting van een toename van de vraag.

Ingekocht materiaal index
De grotere productievereisten en de toename van de verkoop leidden in augustus voor de eerste keer in zes maanden tot een uitbreiding van de inkoopactiviteiten bij de Nederlandse productiebedrijven. Deze toename was bovendien aanzienlijk en de grootste sinds december 2018. De panelleden schreven dit toe aan de versoepeling van de lockdownmaatregelen en de daaropvolgende verbetering van de vraag en de verkoop.

Partner van Inkoperscafé:

Terugkijken: Nevi webinars

De afgelopen maanden heeft Nevi een aantal interessante webinars met vakspecialisten over uiteenlopende procurement topics georganiseerd. Heb je er een gemist? Geen nood. Een aantal hiervan is nu on demand, dus wanneer het jou uitkomt, beschikbaar. 

Vanuit huis of eenvoudig op je mobiel/tablet vanuit je hangmat op vakantie. Het kan allemaal. Snel weer up-to-date over de laatste trends en ontwikkelingen, digitale transformatie, flexibele contracten, kostenmanagement of jurisprudentie.

De volgende webinars zijn beschikbaar:

Check ook de Inkoperscafe.nl agenda voor aankomende Nevi webinars en andere interessante evenementen op het gebied van inkoop.

Partner van Inkoperscafé:

Verslechtering omstandigheden vlakt iets af – Nevi PMI® juni 45.2

De Nevi PMI®  van juni kwam uit op 45.2. Dit betekent dat de achteruitgang in juni flink minder groot was dan in mei (40.5). Maar het betekent ook nog steeds een aanzienlijke verslechtering.

De productie daalde fors, zij het in de geringste mate in drie maanden. Het aantal orders uit binnen- en buitenland bleef dalen, maar beduidend minder dan in mei. Door sommige bedrijven werd een licht herstel van de klantvraag gemeld.

De hoeveelheid onvoltooid en nog niet uitgevoerd werk daalde in de op een na grootste mate in meer dan acht jaar en de bedrijven verminderden fors hun inkoopactiviteiten. De materiaalvoorraad daalde voor de tweede achtereenvolgende maand en de voorraad gereed product bleef gelijk. De levertijden namen toe, zij het in de geringste mate sinds januari.

De werkgelegenheid bleef fors afnemen. De inkoopprijzen daalden in de sterkste mate sinds maart 2016 en de verkoopprijzen namen aanzienlijk af.

Voor het eerst in drie maanden was er weer optimisme over de toekomstige productieomvang, zij het voorzichtig.

‘Lichtpuntje’
Ondernemers zien eindelijk een lichtpuntje aan het eind van de tunnel”, zegt Albert Jan Swart, sectoreconooom industrie bij ABN AMRO. “Voor het eerst in maanden zijn ondernemers in de Nederlandse industrie weer voorzichtig optimistisch over de productie over twaalf maanden. Dankzij de versoepeling van ‘lockdowns’ in veel Europese landen zien ondernemers de toekomst in 2021 weer iets zonniger in. Op de korte termijn is de crisis echter nog niet voorbij, zo blijkt uit de deelindicatoren voor de productie en de nieuwe orders, die nog altijd duiden op een afname van de bedrijfsactiviteit. Veel industriële ondernemers letten dan ook nog steeds scherp op de kosten. Zo sneden zij verder in het aantal banen en kochten ze nog minder voorraad in om de kaspositie op peil te houden. Op die manier proberen ze deze korte maar zeer heftige crisis te overleven.”

Redactioneel commentaar van Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO.

Nederlandse industrie ondanks malaise voorzichtig optimistisch
Ondernemers zien eindelijk een lichtpuntje aan het eind van de tunnel. Voor het eerst in maanden zijn ondernemers in de Nederlandse industrie weer voorzichtig optimistisch over de productie over twaalf maanden. Dankzij de versoepeling van ‘lockdowns’ in veel Europese landen zien ondernemers de toekomst in 2021 weer iets zonniger in.

Op de korte termijn is de crisis echter nog niet voorbij, zo blijkt uit de deelindicatoren voor de productie en de nieuwe orders, die nog altijd duiden op een afname van de bedrijfsactiviteit. De orderportefeuilles blijven in hoog tempo slinken. Een zorgwekkende ontwikkeling, want als de orderportefeuilles uiteindelijk leeg raken en de vraag niet aantrekt, droogt de omzet helemaal op.

De industrie heeft niet alleen last van een gebrek aan orders. Doordat er minder vraag is, staan ook de afzetprijzen sterk onder druk, waardoor de omzet nog verder daalt. Daarnaast kampen ondernemers nog steeds met ontregelde internationale toeleveringsketens, waardoor de levertijden van onderdelen verder oplopen. Veel industriële ondernemers letten dan ook nog steeds scherp op de kosten. Zo sneden zij in juni verder in het aantal banen en kochten ze nog minder voorraad in om de kaspositie op peil te houden. Op die manier proberen ze deze korte maar zeer heftige crisis te overleven.

Producenten van consumentengoederen, zoals voedselverpakkingen voor de horeca, zien het aantal nieuwe orders toenemen, maar de vraag naar investeringsgoederen herstelt nog niet. De nog altijd lage inkoopmanagersindices in binnen- en buitenland duiden op een negatief sentiment bij ondernemers. ABN AMRO verwacht dat dit negatieve sentiment ook op de langere termijn een drukkend effect heeft op de economische groei.

Momenteel neemt de economische activiteit toe ten opzichte van de periode van de ‘lockdowns’. De economie herstelt echter niet volledig. Om het virus in te dammen zijn immers nog steeds maatregelen van kracht die een rem vormen op de economische groei. Daarnaast is het sentiment bij ondernemers en consumenten nog steeds negatief, wat leidt tot minder investeringen en consumentenbestedingen. Uit de forse toename van het aantal besmettingen in de Verenigde Staten in de laatste weken blijkt dat het virus nog steeds een bedreiging vormt voor de economie, aangezien overheden opnieuw harde maatregelen moeten treffen.

Naar verwachting trekken de investeringen voorlopig niet aan, mede doordat het aantal faillissementen en de werkloosheid de komende tijd toenemen. ABN AMRO verwacht dat de eurozone in het vierde kwartaal van 2020 en het eerste kwartaal van 2021 te maken krijgt met een nieuwe recessie. Het lijkt er dus op dat de industriële productie niet krachtig kan herstellen voor 2021.

Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres