Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Partner van Inkoperscafé

Nieuwe orders nemen sterk af – Nevi PMI® maart 50.5

Zoetermeer, 1 april 2020 – De Nevi PMI van maart was met 50.5 flink lager dan het cijfer van 52.9 van februari. Toch duidt dit cijfer nog steeds op een (geringe) verbetering in maart. De productie daalde in bescheiden mate. Het aantal nieuwe orders daalde in de grootste mate sinds eind 2011 en hetzelfde gold voor de export orders.

De verlenging van de gemiddelde levertijden was aanzienlijk en de grootste sinds september 2018. De voorraad eindproducten daalde in de grootste mate in vijf jaar en ook de inkoopactiviteiten namen af. De voorraad ingekochte materialen steeg licht.

De werkgelegenheid nam in beperkte mate af. De inkoopprijzen namen toe, evenals de verkoopprijzen. Deze laatste inflatie was echter gering.

De toekomstverwachtingen van de bedrijven waren, vanwege de groeiende bezorgdheid over de impact van de coronavirus pandemie, het laagst sinds deze vraag voor het eerst gesteld werd.

Redactioneel commentaar prof. dr. ir. Bart Vos, Scientific Director Brightlands Institute for Supply Chain Innovation (BISCI) en verbonden aan Maastricht University

Nederland is met een Nevi PMI van boven de 50 een positieve uitzondering in Europa
Een maand geleden was de impact van de COVID-19 pandemie al zichtbaar, maar in maart zijn de humanitaire en economische effecten mondiaal pas echt in volle omvang duidelijk geworden. Het aantal te betreuren slachtoffers is in veel landen fors toegenomen en ook economisch gezien is de schade enorm. Natuurlijk zijn er verschillen tussen sectoren, maar overall zijn de ramingen steeds somberder geworden. Begin maart ging werkgeversorganisatie VNO-NCW nog uit van een verlaging van de verwachte economische groei voor 2020, eind maart stelt het Centraal Planbureau (CPB) dat het voorkomen van een economische krimp een onmogelijke missie lijkt te zijn.

Een fors daling van de Nevi PMI blijft vooralsnog uit
Een forse daling van de Nevi PMI voor de Nederlandse productiesector lag dan ook in de lijn der verwachting, maar dat is dus niet gebeurd. De index daalde wel, van 52.9 in februari tot 50.5 in maart, maar de meest recente data duiden dus nog steeds op lichte groei. Kijkend naar de mondiale ontwikkelingen is dat op zijn zachtst gezegd verrassend te noemen. Vele regeringen in de hele wereld hebben enorme steunmaatregelen voor ondernemers aangekondigd, in Nederland gaat het nu al om een pakket van vele tientallen miljarden Euro’s. Verder is Nederland met een PMI van boven de 50 een positieve uitzondering in Europa. In de Eurozone zakte de PMI voor de industrie tot 39.5, de grootste daling sinds april 2009, en voor de dienstensector zelfs tot 31.4.

Verklaring voor de lichte groei in de coronatijd
Het is lastig om een sluitende verklaring voor deze uitzonderingspositie te vinden. Kan het aan de timing van de dataverzameling liggen? Dat lijkt onwaarschijnlijk aangezien de data voor de Nevi PMI tussen 12 en 23 maart verzameld zijn en toen was de impact van COVID-19 al echt voelbaar in veel sectoren. Bovendien wordt door respondenten ook op diverse plekken in de rapportage verwezen naar deze impact, bijvoorbeeld als verklaring voor het gedaalde aantal nieuwe (export)orders. Verder is het toekomstperspectief nog steeds licht positief, maar respondenten geven wel aan dat bezorgdheid over COVID-19 een negatieve invloed heeft.

Is de samenstelling van de Nederlandse industrie dan zo anders? Dat is deels inderdaad het geval, zeker ten opzichte van onze Duitse buren, maar het is zeer de vraag of dat een bevredigende verklaring is voor het grote verschil in PMI-score. Bij nadere analyse valt wel op dat de Nederlandse industriële productieomvang nog stijgt in de sector consumptiegoederen en dat past weer bij cijfers over het aantal pintransacties in bijvoorbeeld supermarkten en doe-het-zelfzaken. Bij producenten van halffabricaten en investeringsgoederen was er sprake van dalende productievolumes, aggregaat leidde dit in maart tot een relatief bescheiden daling van de totale productieomvang.

Het meest waarschijnlijk lijkt toch een na-ijleffect, waarbij de gevolgen van de Covid-19 pandemie met een vertraging de komende maanden alsnog zichtbaar worden in de Nederlandse Nevi PMI-data. Het lijkt nauwelijks voorstelbaar dat een open economie als de Nederlandse immuun blijkt te zijn voor deze mondiale crisis. Het wordt immers steeds voelbaarder dat internationale productieketens worden onderbroken, ook in kwetsbare sectoren. Een wrang voorbeeld van deze kwetsbaarheid is te vinden bij de productie van de voor onze zorg nu broodnodige beademingsapparatuur. Snelle opschaling is door toenemende vraag noodzakelijk, een traject waar normaal een jaar voor staat moet nu in een paar weken gerealiseerd worden. Een bijkomende uitdaging is dat door een lockdown in een toenemend aantal landen de aanvoer van kritische onderdelen in gevaar komt.

Concluderend zal de met de Covid-19 uitbraak gepaarde gaande onzekerheid nog wel even duren, maar er zijn zeker ook lichtpuntjes. Allereerst zijn er over de hele wereld talloze voorbeelden van creatieve, vaak hartverwarmende oplossingen en acties ontstaan. En verder kunnen we er op basis van ervaringen in eerdere crises op vertrouwen dat er voldoende veerkracht in ketens aanwezig is om een eventuele daling in de Nevi PMI op termijn op te vangen.

Partner van Inkoperscafé

Drie inkoopfouten om te vermijden tijdens de coronacrisis

GEP, een leverancier van consultancy, software en managed services, waarschuwt inkoopprofessionals om kostenbesparingen en structurele verbeteringen niet uit te stellen, omdat er een recessie opdoemt. Volgens GEP staan organisaties voor de uitdaging om zich door ongekende verstoringen te navigeren en zich voor te bereiden op economische neergang door het coronavirus. Zo bericht Supply Management.

Volgens John Piatek van GEP moeten bedrijven zaken niet verslechteren door kortetermijnproblemen met de supply chain op te lossen, maar moeten zij overgaan tot het verbeteren van de geldstromen om het bedrijf te versterken. De drie meest voorkomende fouten die leiders van inkoop en toeleveringsketens op dit moment moeten vermijden, zijn:

1. Niet snel bezuinigen en meer geld binnenhalen
Inkoop- en toeleveringskosten zijn doorgaans goed voor 50 – 80 procent van de totale kostenstructuur van fabrikanten. Op de korte termijn zullen de kosten van de toeleveringsketen stijgen, omdat fabrikanten verzendingen versnellen en de arbeidskosten voor overuren betalen om aan de verplichtingen van de klant te voldoen. Leiders moeten nu echter de cashflow verbeteren en het werkkapitaal versterken om in de toekomst meer financiële flexibiliteit te bieden.

2. De flexibiliteit van de toeleveringsketen niet vergroten
Nu toegang tot aanbod het nieuws domineert, zal de behoefte bestaan ​​om geen moeilijke keuzes te maken voor het vergroten van de flexibiliteit van de toeleveringsketen. Leiders moeten plannen versnellen om de toeleveringsketens geografisch te diversifiëren en een totaal aanbodverlies in de toekomst te voorkomen. Deze verschuivingen vinden niet snel plaats, maar er moeten nu stappen worden gezet om flexibele leverancierspartnerschappen en infrastructuur op te bouwen.

3. Geen prioriteit geven aan duurzaam en structureel kostenvoordeel
Hoewel directe, draconische kostenbesparende initiatieven op korte termijn resultaten zullen opleveren, zullen bedrijven merken dat deze niet duurzaam zijn. Voor structurele kostenvoordelen kunnen bedrijven het traditionele ‘source-to-pay-proces’ uitbreiden met ‘budget-to-pay’. Dit stelt inkoop en financiering in staat om elke aanvraag te controleren op budgetbeschikbaarheid voordat uitgaven worden gedaan aan externe leveranciers. Zo kunnen ze kostenbeheersing en financiële discipline agressief stimuleren.

Bron: Supply Management

 

 

 

 

Partner van Inkoperscafé

Vijf acties om inkoopverstoringen door het coronavirus te voorkomen

Op de site van het Britse Supply Management zijn vijf maatregelen terug te vinden waarmee bedrijven verstoringen van inkoop en toeleveringsketen op basis van de coronacrisis kunnen beheersen. Deze zijn gebaseerd op een rapport van adviesbureau The Hackett Group.

1. Bescherm uw medewerkers, houd ze op de hoogte en houd ze betrokken
Volgens The Hackett Group (‘Hackett’) moeten bedrijven in de eerste plaats prioriteit geven aan de gezondheid en veiligheid van hun personeel tijdens de pandemie. Werknemers die thuis werken, moeten over de middelen en systemen kunnen beschikken om effectief te kunnen werken. Hackett raadt ook aan om goed met HR-afdelingen samen te werken bij de personeelsplanning en het maken van noodplannen.

2. Let op uw financiën
Bedrijven moeten zich voorbereiden op een omgeving van strakkere kredietverlening en onderzoeken hoe zij tegen redelijke kosten extra financieringsbronnen kunnen vinden. “Onderneem directe, agressieve kostenverlagende maatregelen om uitgaven te verminderen, zoals reis- en onkostenvergoedingen, het vastlopen van overnames, bedrijfskosten/investeringskosten en behoud van werk”, aldus Hackett.

3. Verdedig uw toeleveringsketen
“In deze omstandigheden bestaat de unieke noodzaak om zowel vraagschokken als verstoringen van het aanbod op te vangen. Om de vraagschok tegen te gaan, moeten bedrijven proactief een reeks scenario’s identificeren en analyseren en die analyse gebruiken om hun reacties prioriteit te geven en te plannen”, benadrukt Hackett. Op korte termijn moeten bedrijven een plan voor een snelle reactie op de vraag ontwikkelen en de scenario’s van vraag en aanbod analyseren om tekorten op te vangen.

4. Behoud uw geld
Volgens het adviesbureau kunnen bedrijven erachter komen dat ze om met verstoringen om te gaan, liquiditeit in de complete toeleveringsketen moeten stoppen via klant- en leveranciersvoorwaardenbeheer en/of het opbouwen van een strategische voorraad. Bedrijven moeten dagelijkse schommelingen en leveringsbeperkingen in de gaten houden om ervoor te zorgen dat ze geen contant geld in de verkeerde voorraad investeren. Ook kunnen ze productportefeuilles tijdelijk stroomlijnen om het bufferen van strategische voorraden mogelijk te maken.

5. Versterk uw infrastructuur
“Hoewel de focus begrijpelijkerwijs op de bedrijfscontinuïteit op korte termijn ligt, is het belangrijk om de eisen die aan de informatietechnologiefunctie worden gesteld de komende maanden te bekijken en de inspanningen en investeringen daarin snel opnieuw prioriteit te geven”, stelt Hackett. De nadruk moet liggen op het versterken van de infrastructuur om virtueel werk en virtuele samenwerking te ondersteunen.

Bron: Supply Management

 

Partner van Inkoperscafé

Steeds meer bedrijven doen een beroep op ‘overmacht’

Uit onderzoek van Riskmethods waarover Nevi bericht, blijkt dat er sprake is van een stijging van 44 procent van het aantal bedrijven dat een beroep doet op ‘force majeure’ (overmacht). Bij ‘force majeure’ gaat het om een clausule in een contract, die aangeeft dat de betreffende partij (of partijen) een contractuele verplichting niet kan naleven door krachten die buiten de eigen controle liggen. Het gaat dan bijvoorbeeld om een oorlog, natuurramp of epidemie.

Overmachtsituatie
Meestal vangt een overmachtclausule in de praktijk het door een partij niet-nakomen van afspraken van een partij niet helemaal op, maar schort ze deze alleen op voor de termijn van de overmachtsituatie. DHL Global Forwarding is een voorbeeld van een bedrijf dat zich ondertussen beroept op force majeure. Deze mondiale logistieke dienstverlener ‘behoudt zich het recht voor om de dienstverlening naar eigen inzicht aan te passen aan de actuele omstandigheden’.

Bron: Nevi

Partner van Inkoperscafé

Webinar: SEM Online COVID-19, en nu?

De roep om door middel van aanbestedingen de economie te blijven stimuleren wordt steeds groter. Tegelijk wordt er opgeroepen om termijnen ruimhartig te verlengen. Rechtbanken zijn gesloten of schuiven in ieder geval kort gedingrecht voor aanbestedingszaken op de lange baan. Kortom, COVID-19 heeft een enorme impact op inkoop en verkoop.

Aanstaande vrijdag organiseren Nevi, SMA, Cinfield en Tender People een webinar om inkoop en verkoop aan elkaar te verbinden.

Meer informatie en een aanmeldlink voor de gratis webinar vindt u hier.

NEVI is premium partner van Inkoperscafé.nl

Partner van Inkoperscafé

Rechter staat franchisegever niet toe om inkoopprijzen te verhogen

Elf franchisenemers van Eten met Gemak! zijn naar de rechter gestapt omdat hun franchisegever met verhoging van de verkoop- en inkoopprijzen wilde komen. De rechter voorkwam dat. Zo bericht Franchise+ op basis van berichtgeving in de Twentse krant Tubantia.

Naast het verhogen van de inkoop- en verkoopprijzen wilde de franchisegever de franchisenemers verplicht laten investeren in een koelopslag. De franchisenemers vreesden de extra kosten en inkomstenverlies, omdat ze mogelijk klanten zouden kwijtraken na de prijsverhogingen. Ze stapten daarom naar de kortgedingrechter, die ze grotendeels gelijk gaf.

Geen hogere inkoop- en verkoopprijzen
De franchiseovereenkomst gaf dan wel aan dat de franchisegever vrij is om de franchiseformule aan te passen, maar de rechter vindt niet dat daaruit geconcludeerd kan worden dat de franchisegever eenzijdig de inkoop- en verkoopprijzen mag verhogen. Wel meende de rechter dat er een koelopslag bij de franchisenemers mag komen, omdat deze kan vallen onder de afspraak dat de franchisegever de formule mag doorontwikkelen.

Bron: Franchise+

Partner van Inkoperscafé

Column: Trap niet in dé 5 valkuilen van boetebedingen in contracten

Verplichtingen in een contract moeten worden nagekomen. Zeker als er veel op het spel staat. Om dat extra kracht bij te zetten, is de contractuele boete een effectief instrument. Dat vergt wel bijzondere aandacht, want een boetebeding moet goed geformuleerd zijn om in de praktijk bruikbaar te zijn en daar gaat het vaak fout. Verkeerde of vergeten formuleringen maken een enorm verschil. Hieronder vijf valkuilen om alert op te zijn bij het opschrijven van een boetebeding. Door het bij de inkoop goed te doen, maakt u zeker het verschil bij een geschil!

Een boetebeding in het kort
Het (contractueel) boetebeding kent een aparte regeling in de wet. Het doel van het boetebeding is een (financiële) prikkel tot nakoming. Het doel kan ook zijn om het bedrag van schadevergoeding vast te zetten in plaats van de schade door de rechter te laten bepalen.

Een boetebeding kan u beschermen. Schendt een leverancier een verplichting uit het contract? Dan kan een goed boetebeding ervoor zorgen dat de leverancier een geldsom of andere prestatie moet voldoen. Ook een leverancier kan er baat bij hebben om boetebedingen in een contract op te nemen. Denk aan een boete bij schending van de geheimhouding of inbreuk op intellectuele eigendomsrechten van de leverancier.  

Dé vijf valkuilen bij boetebedingen
Boetebedingen worden in de praktijk geregeld verkeerd geformuleerd. Als inkoper heeft u een signaleringsfunctie en kunt u invloed uitoefenen op het contract. Daarom zetten wij hieronder de vijf meest voorkomende valkuilen op een rij, zodat u weet waar u alert op moet zijn.

Valkuil 1: geen aanspraak maken op wettelijke schadevergoeding
Een boetebeding wordt vaak gebruikt als financiële prikkel om afspraken in het contract na te komen. De wet neemt als uitgangspunt dat een afgesproken boete in plaats treedt van het recht op schadevergoeding op grond van de wet. Dat moet u niet willen.

Een boete in het contract kan immers vele malen lager zijn dan waar u wettelijk recht op zou hebben als gevolg van de ontstane schade. U wilt uiteraard voorkomen dat uw organisatie geen aanspraak kan maken op wettelijke rechten en de daarbij behorende schadevergoeding.

Daarom moet altijd in het contract tot uitdrukking worden gebracht dat een verschuldigde boete geldt naast de schadevergoeding die op grond van de wet zou gelden. Advies is dan ook om op te nemen dat de boete verschuldigd is, “onverminderd het recht van de Opdrachtgever tot het vorderen van volledige schadevergoeding, alsmede alle overige rechten die de wet toekent.”

Valkuil 2: consequenties ná ingebrekestelling
Voor het vorderen van schadevergoeding op grond van de wet is verzuim vereist. Oftewel, in veel gevallen moet u bij een tekortkoming de leverancier eerst in gebreke stellen, voordat de gevolgen van een boetebeding in werking treden. Ook dat werkt niet in uw voordeel.

De andere partij kan het boetebeding dan immers overtreden en deze overtreding staken zodra er een ingebrekestelling volgt. Zonder dat die andere partij daar de consequenties dan van ondervindt. Daarom is het advies om in een boetebeding op te nemen dat bij een tekortkoming “verzuim direct intreedt zonder nadere ingebrekestelling”.  

Valkuil 3: boetebedingen die alles bestrijken  
Geregeld komen we boetebedingen tegen die eigenlijk alle verplichtingen uit het contract tegelijk bestrijken. Zoals: “Indien Opdrachtnemer de verplichtingen uit deze overeenkomst niet of niet volledig nakomt, zal hij door dit enkele feit, zonder nadere ingebrekestelling direct in verzuim zijn en per gebeurtenis aan Opdrachtgever een onmiddellijk opeisbare boete van € 10.000,- verschuldigd zijn.”

Dergelijke bedingen houden meestal slechts beperkt stand als ze voor een rechter komen. Ze zijn dikwijls aanleiding tot matiging van de door de rechter opgelegde boete. Het advies is om een boetebeding specifiek en gericht te maken. Bijvoorbeeld door te verwijzen naar een of meer bepaalde (specifieke) verplichtingen in het contract, waarop het betreffende beding van toepassing is.

Valkuil 4: niet voor rechterlijke matiging vatbaar
In contracten van internationale of Anglo-Amerikaanse oorsprong – die soms in Nederlandse vertaling worden gebruikt – komt geregeld de zinsnede voor dat de boete “niet voor rechterlijke matiging vatbaar” is. Onder het Nederlands recht is een dergelijk beding niet toegestaan.

De rechter kan onder Nederlands recht middels matiging de verschuldigde boete verlagen, wat de partijen daarover ook mochten hebben opgeschreven. De bevoegdheid van de rechter tot matiging is van dwingend recht en afwijking van die wettelijke regeling in het contract is dus niet toegestaan. Haal een dergelijke zin dus uit het contract als de overeenkomst onder het Nederlands recht valt.

Valkuil 5: onherkenbare boetebedingen
Een boetebeding is vaak herkenbaar aan het woord “boete”, “boetebeding” of “boeteclausule”. Maar veel vaker is een boetebeding minder expliciet en dreigt dan niet als zodanig herkend te worden. De boete kan ook ‘verstopt’ liggen in afspraken over de creditering of restitutie van reeds betaalde bedragen (zoals de verschuldigde fee voor de diensten). Zo kan bepaald worden dat de afnemer recht heeft op creditering van bijvoorbeeld een deel van de door de afnemer verschuldigde vergoeding. Bijvoorbeeld een restitutie van een naar rato deel van de maandelijkse fee indien de beschikbaarheid van 98,7% niet wordt gehaald.

De afnemer krijgt dan een deel van de prijs terug. Dat is prettig maar in voorkomende gevallen een slechte deal. Want wat heb je aan terugbetaling van een deel van de maandelijkse fee als een bedrijfskritische applicatie dagenlang niet beschikbaar is? Wees alert op verkapte boetebedingen. Als de boete niet als zodanig wordt herkend, kan men immers ook niet toetsen of deze wel voldoet aan de eisen die gelden voor boetebedingen op grond van de wet.

 

Partner van Inkoperscafé

Vier zaken waar inkopers vanwege het coronavirus op moeten letten

Nu de gevolgen van het coronavirus voor de economie en de toeleveringsketens toenemen, wordt een goede voorbereiding steeds belangrijker voor inkoopafdelingen. Nevi is daarom met vier punten gekomen waar inkopers in de huidige coronacrisis in ieder geval op moeten letten.

Afstemming met leveranciers
Ten eerste is het belangrijk om de inventaris te controleren. Hierbij hoort het herzien van voorraadbeleid en -niveaus en het vragen aan leveranciers om hetzelfde te doen. Het is verstandig om goed samen te werken met leveranciers wat de toeleveranciersketen betreft. Daarnaast is het noodzakelijk om met iedere leverancier te communiceren en de relatie goed te houden. Inkoopafdelingen doen er goed aan om kritisch te beoordelen of een leverancier wel kan blijven aanleveren, zelfs als die vindt dat het kan. Ook moeten ze goed naar de prijsstructuren en marktpositie kijken en op basis daarvan zorgen dat ze vooraan in de rij staan als de aanlevering weer start. Op de derde plaats is een goed herstelplan nodig om voorraadtekorten of leveringsproblemen op te vangen. Tot slot is het verstandig dat inkopers zich goed instellen op de situatie nadat de epidemie voorbij is. Daarbij is het raadzaam om voortaan een clustering van teveel leveranciers in een regio te voorkomen.

Bron: Nevi

Partner van Inkoperscafé

Inkopers windenergie krijgen voor het eerst geld terug

Windmolens geneerden op zondagochtend 16 februari zoveel energie door de harde wind in Nederland dat bedrijven die toen elektriciteit inkochten, geld kregen in plaats dat ze moesten betalen. Volgens lector energietransitie Martien Visser van de Hanzehogeschool was het de eerste keer dat dit in Nederland gebeurde. Dit meldt het Dagblad van het Noorden.

Inkoop op spotmarkt
De ontvangende bedrijven kopen elektriciteit in op de zogeheten spotmarkt, waarbij de prijs niet vooraf vastligt, maar afhangt van vraag en aanbod. Visser licht toe dat er zoveel windenergie was opgewekt dat er voor het eerste in Nederland een negatieve energieprijs ontstond, waardoor de inkopers geld terugkregen. Volgens Visser hebben maar enkele bedrijven geprofiteerd. “Dit hoge aanbod deed zich voor op de vroege zondagochtend tussen vier en zes. Ik denk niet dat er op dat moment veel bedrijven actief waren. Maar toch is dit heel bijzonder. In Duitsland komt een negatieve elektriciteitsprijs vaker voor, maar daar hebben ze dan ook meer windturbines.” De lector verwacht nu meer van dergelijke situaties in Nederland. “De meeste elektriciteit wordt nu nog door turbines op het land opgewekt, omdat er daar meer windmolens staan dan op zee. Maar er komen in de toekomst veel turbines op zee bij en daar waait het ook nog vaker. De hoeveelheid elektriciteit die wordt geproduceerd als het hard waait, stijgt dan ook flink.”

Bron: Dagblad van het Noorden

Partner van Inkoperscafé

Voor boeren is kennis leverancier het belangrijkst

Boeren vinden de kennis van hun leveranciers over de sector en de ontwikkelingen daarin steeds belangrijker. Dat is voor maar liefst 68 procent van de boeren tegenwoordig de belangrijkste eigenschap van een leverancier. Opmerkelijk genoeg gold dit in 2013 en 2017 voor maar een vijfde van de boeren. Zo laat onderzoek van CRM Partners onder 203 Nederlandse boeren zien, waarover Brisk Magazine bericht.

Kennispartner
Uit het onderzoek blijkt dat bij de belangrijkste overwegingen voor een overstap naar een andere leverancier, boeren een goede klantrelatie belangrijker vinden dan de financiële kant. Slechts negen procent van de boeren zou de relatie met de huidige leverancier beëindigen als een andere leverancier de laagste prijs vraagt. Bij een betere service stapt tien procent over. Dat geldt voor achttien procent als de leverancier de tijd neemt voor het begrijpen van hun bedrijf. Ruim een kwart (27 procent) van de boeren gaat over naar een andere leverancier met kennis en inzichten die de boer helpen efficiënter te worden. “Uit deze resultaten blijkt dat u zich als leverancier geliefd maakt door uzelf te positioneren als kennispartner. Een logisch gevolg van de recente ontwikkelingen in de agrisector. De markt is kwetsbaar voor eisen vanuit de samenleving en overheid en dat maakt dat de waarde van kennis stijgt”, stelt Erwin van Eeken van CRM Partners.

Bron: Brisk Magazine

Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres