Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Partner van Inkoperscafé:

Verlaging wettelijke betaaltermijn heeft gevolgen voor inkoopprijzen

Grote bedrijven zouden de facturen van mkb-bedrijven sneller moeten betalen. Mona Keijzer, staatssecretaris van Economische Zaken, werkt daarom samen met Sander Dekker, minister van Rechtsbescherming, aan een wetswijziging voor een kortere betalingstermijn van facturen. Dit valt te lezen op de website van Groenten & Fruit.

Vorig jaar waarschuwde Keijzer al dat de wettelijke betalingstermijn van zestig naar dertig dagen zou gaan als bedrijven er niet zelf in zouden slagen de gemiddelde betalingstermijn terug te brengen. Een evaluatie laat nu zien dat dit niet is gelukt. De betalingstermijn ligt gemiddeld op 41 dagen. Een aantal grote bedrijven heeft de termijn vanwege de coronacrisis zelfs verlengd. Uit een Kamerbrief van Keijzer blijkt dat zij rekening houdt met de negatieve effecten van de kortere betaaltermijn. Nederland hiermee bijvoorbeeld verder af van het EU-beleid. Dit maakt inkopen in het buitenland aantrekkelijker. Verder houdt het ministerie van Economische Zaken er rekening mee dat grote bedrijven meer zullen gaan voor lagere prijzen bij inkoop, waarbij er minder onderhandelingsruimte zal zijn over leveringsvoorwaarden. Ook zorgt de maatregel voor financiële druk op grote bedrijven, wat slecht is voor hun concurrentiepositie ten opzichte van het buitenland.

Betere onderhandelingspositie mkb
MKB-Nederland is tevreden over de wetswijziging. “Dit is goed voor de liquiditeitspositie van kleinere ondernemers én komt tegemoet aan hun doorgaans zwakkere onderhandelingspositie”, aldus voorzitter Jacco Vonhof. Het wetsvoorstel van Keijzer en Dekker gaat dit najaar in internetconsultatie. Daarna moeten de Tweede en Eerste Kamer het nog goedkeuren.

Bron: Groenten & Fruit

Partner van Inkoperscafé:

Teruggang productiesector zet hard door – Nevi PMI® mei 40.5

De COVID-19-pandemie leidde in mei tot een PMI-cijfer van 40.5, het laagste sinds het hoogtepunt van de wereldwijde financiële crisis in mei 2009.

De productie daalde in het op een na hoogste tempo ooit en de afname van het aantal nieuwe orders – de derde op rij – was een van de grootste sinds het begin van dit onderzoek. Hetzelfde geldt voor de export orders.

De werkgelegenheid nam in de op een na grootste mate in bijna elf jaar af. Tegelijkertijd werden de achterstanden opnieuw verkleind. De daling van de hoeveelheid onvoltooid of nog niet uitgevoerd werk was kleiner dan in april, maar bleef een van de grootste in meer dan zeven jaar.

De inkoopactiviteiten namen verder af en de hoeveelheid ingekocht materiaal daalde in de grootste mate sinds april 2009. De voorraad ingekochte materialen was voor de eerste keer sinds februari kleiner en deze daling was de grootste in zeven jaar. De levertijden namen opnieuw toe.

De inkoopprijzen daalden in de grootste mate sinds april 2016 en de verkoopprijzen in de grootste mate sinds november 2009. De productievooruitzichten voor de komende twaalf maanden waren voor de tweede maand op rij negatief, zij het iets minder pessimistisch dan in april.

‘Onzeker of bodem is bereikt’
“Veel ondernemers geven aan tijdelijke banen te hebben geschrapt om kosten te besparen. Aangezien de orderportefeuilles verder zijn geslonken en het aantal nieuwe orders verder afneemt, is het de vraag of de industrie de bodem al bereikt heeft”, zegt Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO. “Sommige bedrijven, zoals producenten van verpakkingen voor consumentengoederen, kunnen in juni waarschijnlijk profiteren van de verlichting van ‘lockdowns’ in binnen- en buitenland. Maar de vraag naar kapitaalgoederen zal naar verwachting de komende maanden nog zwak blijven.”

Redactioneel commentaar van Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO.

Nederlandse industrie snijdt verder in loonkosten
Nadat de Nevi PMI over april al was ingestort naar het laagste niveau sinds 2009, is de index over mei verder gedaald. De verdere neergang werd veroorzaakt door een scherpe afname van inkoop en ingekochte voorraad. De productie, het aantal nieuwe orders en de werkgelegenheid daalden iets minder snel dan in april, maar de indicatoren wijzen nog altijd op een diepe recessie.

De Nederlandse industrie teerde verder in op de openstaande orders. De omzet is de laatste maanden flink gedaald en het eind is nog niet in zicht. Uit een analyse van ABN AMRO blijkt dat de Nederlandse industrie in het tweede kwartaal zo’n tien miljard euro aan omzet misloopt. Ondernemers snijden dan ook flink in de kosten. De scherpe afname van inkoop en ingekochte voorraad wijst erop dat producenten hun liquiditeitspositie willen versterken. Ondernemers sneden voor de derde maand op rij in de loonkosten. Opnieuw geven veel ondervraagde bedrijven aan tijdelijke contracten te hebben beëindigd.

De productie in China is weer goed op gang gekomen en ook in diverse Europese landen openden veel fabrieken vorige maand weer de deuren. Toch zijn toeleveringsketens nog altijd sterk ontregeld, zoals blijkt uit de deelindicator voor levertijden, die in mei verder opliepen door problemen bij productie en in de logistiek. Hoewel er nog steeds tekorten zijn aan allerlei onderdelen, lijken de leveringsproblemen niet te leiden tot inflatie. In tegendeel; zowel de inkoop- als de afzetprijzen daalden in mei sterk. De inkoopprijzen daalden mede door lagere prijzen van olie en grondstoffen. Producenten verlaagden de verkoopprijzen vanwege de lage vraag naar hun producten.

Ondernemers zijn wel iets minder pessimistisch geworden over de komende twaalf maanden. De cijfers over het producentenvertrouwen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) lieten eind mei al een vergelijkbaar beeld zien. Heeft de Nederlandse industrie dan de bodem bereikt? Vooralsnog wijst de verdere afname van nieuwe orders daar niet op. Het risico bestaat dat sommige bedrijven door hun orderportefeuilles heen raken, waardoor de productie verder kan inzakken. Wel heeft de vraag naar consumentengoederen misschien de bodem bereikt. Door de versoepeling van ‘lockdowns’ in diverse Europese landen kan de vraag naar bijvoorbeeld verpakkingen voor horeca-producten uit het dal klimmen. Dit is echter maar een klein segment in vergelijking met de gehele Nederlandse industrie. Met name de vraag naar investeringsgoederen is zwak.

Partner van Inkoperscafé:

Ondernemersvertrouwen daalt in tweede kwartaal naar historisch dieptepunt

Met de coronacrisis en de bijbehorende maatregelen zijn ondernemers nog nooit zo pessimistisch geweest. Hun vertrouwen komt uit op min 37,2 tegen plus 6,4 in het vorige kwartaal. Het gaat om de sterkste afname ooit, die nog een stuk lager uitkomt dan het dieptepunt van de financiële crisis. Zo berichten het CBS, de Kamer van Koophandel, het Economisch Instituut voor de Bouw, MKB-Nederland en VNO-NCW op basis van de Conjunctuurenquête Nederland.

De gegevens van het onderzoek dateren van april 2020, voor de op 6 mei aangekondigde versoepeling van de maatregelen. Bij het ondernemersvertrouwen gaat het om de stemmingsindicator van niet-financiële bedrijven met minimaal vijf werkenden. Voor het eerst sinds het vierde kwartaal van 2013 overheerst een negatieve stemming bij de ondernemers. Voor alle negen onderzochte economische indicatoren zijn er meer ondernemers met negatieve dan met positieve verwachtingen. Ze zijn vooral negatief over het economisch klimaat. Tegen de 69 procent van de ondernemers verwacht de komende drie maanden een verslechtering van het economisch klimaat. Slechts drie procent verwacht een verbetering.

Omzetverwachtingen meest gedaald
De verwachtingen over de omzet zijn het meest gedaald ten opzichte van een jaar geleden. Het gaat om een verschuiving van plus 28 procent in het tweede kwartaal van 2019 naar zo’n min 54 procent in het tweede kwartaal van 2020. Horeca-ondernemers hebben de meest negatieve omzetverwachtingen van alle bedrijfstakken. Bijna negentig procent van hen verwacht in het lopende kwartaal een lagere omzet dan in de voorgaande drie maanden. Negen van de twaalf bedrijfstakken hebben het laagste ondernemersvertrouwen ooit gemeten. Op de bedrijfstak informatie en communicatie na, kende de bedrijfstakken ook niet eerder zo’n grote afname van het vertrouwen in een kwartaal tijd.

Bron: CBS

Partner van Inkoperscafé:

Maersk verwacht dat de containervracht met 25 procent daalt door de coronacrisis  

Het grootste containerschipbedrijf ter wereld, Maersk, denkt dat zijn vrachtvolume in het tweede kwartaal van 2020 met 25 procent gaat dalen vanwege de coronacrisis. In een tussentijds rapport stelt de rederij dat Covid-19 een ‘aanzienlijke impact’ had op de activiteit in het eerste kwartaal. Toch steeg de omzet ondanks lagere volumes nog licht (0,3 procent) op jaarbasis tot 9,6 miljard Amerikaanse dollar. Dit bericht Supply Magazine.

Seren Skou, CEO van AP Moller Maersk: “Als we naar het tweede kwartaal van 2020 kijken, dan blijft de zichtbaarheid van de supply chains laag door de Covid-19-pandemie. We blijven onze klanten ondersteunen om hun supply chains draaiende te houden. Aangezien de wereldwijde vraag echter nog steeds aanzienlijk wordt beïnvloed, verwachten we dat de volumes in het tweede kwartaal voor alle bedrijven zullen afnemen, mogelijk met wel twintig tot 25 procent.”

Minder afvaarten en handel
Volgens Maersk zijn meer dan negentig afvaarten geannuleerd. Dat is een daling van 3,5 procent in het eerste kwartaal, toen de wereldwijde containerhandel met 4,74 procent daalde. Naar verwachting annuleert het containerbedrijf 140 afvaarten in het tweede kwartaal. De handel over de oost-westroutes daalde in het eerste kwartaal met 5,7 procent, omdat zo geeft Maersk aan, de Chinese export in februari bijna tot stilstand kwam en de Europese vraag in maart verslechterde. De oorzaak was de coronacrisis. Verder daalde de import van containers uit Noord-Amerika met 7,8 procent, terwijl de export vanuit het Midden-Oosten en het Indiase subcontinent een matige groei liet zien.

Bron: Supply Management

Partner van Inkoperscafé:

Volkswagen krijgt te maken met hogere prijzen van leveranciers

Autofabrikant Volkswagen (VW) zegt dat zijn leveranciers hogere prijzen vragen vanwege de coronacrisis. Volgens VW waren leveranciers voorbereid op grote volumes, terwijl door de sterk verminderde autoproductie de vraag daalden en de overheadkosten bleven. Dit bericht het Britse Supply Management.

Stefan Sommer, VW-directielid voor inkoop, vertelde de Financial Times dat leveranciers in productiefaciliteiten investeerden voor grote volumes. Nu zijn er echter afschrijvingen, terwijl de overheadkosten blijven bestaan. Deze kunnen niet van de ene op de andere dag worden verlaagd.

“Als we lagere volumes blijven zien, worden onderdelen duurder”, aldus Sommer. Volgens hem stijgen de kosten van onderdelen in de klassieke waardeketen. Wel gaf hij ook aan dat het te vroeg is om te concluderen dat de productiekosten permanent hoger zullen worden.

Stabiele toeleveringsketens
VW start zijn productie geleidelijk. Volgens de autoproducent daalde de omzet in het eerste kwartaal van 2020 met 1,9% tot 19 miljard euro, terwijl het bedrijfsresultaat met 47,7% daalde tot 481 miljoen euro, vergeleken met dezelfde periode vorig jaar. VW zag vooral uitdagingen bij het herstarten van de productie, vooral wat stabiele toeleveringsketens betreft, en de bescherming van de gezondheid van zijn personeel.

Internet of things
De Duitse autofabrikant gaat door met het integreren van productie-installaties in zijn ‘Volkswagen Industrial Cloud’, die het internet of things gebruikt om gegevens te verzamelen en te organiseren. Dit zal naar verwachting een kostenbesparing opleveren van ‘enkele miljarden euro’s’, zodra alle 124 fabrieken zijn aangesloten.

Bron: Supply Management

Partner van Inkoperscafé:

Winkelketen Bristol wil minder afhankelijk zijn van China

Elise Vanaudenhove, CEO van Euro Shoe Group, het moederbedrijf van de Bristolwinkels, vindt dat haar Belgische bedrijf te afhankelijk van China is geworden. Daarom wil ze de productie het liefst helemaal naar Europa halen, maar dat is niet eenvoudig. Zo meldt Supply Chain Magazine op basis van een artikel in het AD.

Bristol heeft 250 winkels in de Benelux, waarvan 109 in Nederland. De schoenen en kleren die Bristol verkoopt, komen voornamelijk uit China, Bangladesh en India. In tegenstelling tot andere retailers zei Bristol zijn contracten vanwege de coronacrisis niet op. “Veel leveranciers zouden dan over de kop gaan, sociaal gezien een drama voor heel veel mensen. Dat hebben we dus niet gedaan. Wel kijken we per bedrijf waar we zaken mee doen of er mogelijkheden zijn om tijdelijk minder te produceren”, aldus Vanaudenhove. Vanwege de crisis zou ze graag minder afhankelijk worden van vooral China. “Je ziet wat er mondiaal gebeurt als daar de fabrieken stil worden gezet. Het is niet goed als alle eieren in dezelfde mand liggen.”

Recycling van materialen
Bristol investeert steeds meer in duurzaamheid. Volgens Vanaudenhove snappen de leveranciers in China weinig van recycling van materialen. Ook merkt ze dat de controle op de arbeidsomstandigheden in China lastiger wordt. “Het systeem was al gesloten en dat wordt er zeker niet beter op.” Dat is ook een reden dat Bristol dichter bij huis wil produceren. Het is echter lastig om fabrikanten te vinden, omdat er zich in Europa nog maar weinig bedrijven op schoenen en kleding toeleggen. Daarbij zijn de productieprijzen hier hoger. “Het is een complex vraagstuk, maar we gaan door totdat we de juiste oplossing vinden. Wat vooral de doorslag geeft, is dat een terugkeer naar eigen bodem vanuit ecologisch én menselijk standpunt een positieve ontwikkeling teweegbrengt op lange termijn”, benadrukt de Belgische topvrouw.

Bron: Supply Chain Magazine

Partner van Inkoperscafé:

Toeleveringsketens kleding zijn uit elkaar gevallen door coronacrisis

Volgens adviesbureau GlobalData moeten kopers en leveranciers in de kledingindustrie hun relaties opnieuw opbouwen als ze de sector willen laten herstellen van de uitbraak van het coronavirus. GlobalData stelt dat de toeleveringsketens van kledingstukken zijn verstoord door bestellingen die werden stopgezet of teruggeschroefd vanwege winkelsluitingen en dalende verkopen. Dit leidde tot fabriekssluitingen en banenverlies in enkele van de armste landen. Het Britse Supply Management bericht hierover.

Het adviesbureau benadrukt dat ‘sterkere en stabielere relaties’ tussen bedrijven, leveranciers en landen dringend nodig zijn, evenals sectoroverschrijdende initiatieven om ‘gebreken in het systeem te verhelpen’. Leonie Barrie, kledinganalist bij GlobalData: “Wereldwijde toeleveringsketens voor kleding zijn in slechts een paar korte weken uit elkaar gevallen, evenals het vertrouwen en de goodwill tussen veel kopers en fabrikanten. Het opbouwen van deze relaties is essentieel om de sector te herstellen, en nu is het tijd om na te denken over hoe de kledingindustrie zich kan herstellen voor de toekomst.”

Nieuwe fabrieken
Volgens Barrie zijn merken en retailers afhankelijk van hun leveranciers om de productie op te voeren als het stof uiteindelijk is neergedaald. Maar de vraag is waar ze hun goederen vandaan halen als grote aantallen fabrieken failliet zijn gegaan. “Het opzetten van nieuwe fabrieken is een lang en ingewikkeld proces.”

Sociale verantwoordelijkheid
Barrie denkt dat retailers die leveranciers slecht hebben behandeld, mogelijk ook merken dat ze geen steun krijgen als ze uiteindelijk hun voorraden willen aanvullen. Consumenten kunnen ook kledingmerken mijden, die zich richten op zelfbehoud en hun beloften van sociale verantwoordelijkheid niet nakomen.

Uitbuiting, dwangarbeid en mensenhandel
Adviesbureau Verisk Maplecroft geeft aan dat meer dan een miljoen arbeiders in Aziatische productiehubs zijn ontslagen, waardoor ze kwetsbaar zijn voor uitbuiting, dwangarbeid en mensenhandel. Verder zegt dit adviesbureau dat bedrijven te maken hebben met een ‘brandbare mix van reputatierisico’s die ze niet kunnen compenseren met inspecties ter plaatse’. In combinatie met verstoringen van de voorzieningen en burgerlijke onrust in belangrijke knooppunten zal een ‘business-as-usual-model’ niet werken.

Toenemende druk
Sofia Nazalya, mensenrechtenanalist bij Verisk Maplecroft, beklemtoont dat de komende maanden wereldwijd actieve retailbedrijven onder toenemende druk komen te staan ​​van internationale en activistische groepen om ervoor te zorgen dat ze de meest kwetsbare werknemers in hun toeleveringsketen niet in de steek laten. “In het bijzonder zullen detailhandelsbedrijven onder druk worden gezet om betalingen voor geplaatste bestellingen te voldoen en om ervoor te zorgen dat leveranciers die doorgaan met activiteiten strikte gezondheids- en veiligheidsmaatregelen opleggen.”

Geannuleerde bestellingen
Volgens Nazalya zijn sommige bedrijven al begonnen met het invoeren van maatregelen om de impact van Covid-19 op kledingarbeiders te verminderen. “Dergelijke maatregelen omvatten het oprichten van Covid-19-loonfondsen en de betaling van reeds geplaatste bestellingen. Het is echter onwaarschijnlijk dat deze acties een blijvende oplossing zijn voor werknemers die uiteindelijk met aanhoudende werkloosheid worden geconfronteerd.” In maart bleek dat modemerken bestellingen ter waarde van drie miljard Amerikaanse dollar hadden geannuleerd of opgeschort.

Bron: Supply Management

 

Partner van Inkoperscafé:

Lokale supply chains zijn nu essentieel voor Coca-Cola

Het vervoeren van grondstoffen over de grenzen is een uitdaging voor Coca-Cola tijdens de coronacrisis. De gebruik van de lokale toeleveringsketen heeft de frisdrankgigant echter voordelen opgeleverd. Dit bericht Supply Management.

De CEO van Coca-Cola, James Quincey, vertelde investeerders over logistieke uitdagingen, maar dat het bedrijf erg gefocust was op het aanpassen van de toeleveringsketen. “Er is veel druk aan de grenzen, of het nu provinciegrenzen zijn in sommige landen of landsgrenzen in andere delen van de wereld. Dit raakt sommige ingrediënten die in principe over de hele wereld worden vervoerd.”

Gezondheidsonderzoeken
Op bepaalde locaties vervangt Coca-Cola de bezorgers aan de grenzen om vertragingen door verplichte gezondheidsonderzoeken van mensen die grenscontroleposten overschrijden, te vermijden. Zodra de ingrediënten echter naar het gewenste land zijn vervoerd, worden alle dranken lokaal geproduceerd. “De frisdrank in de VS wordt in de VS gemaakt. De drank in Duitsland wordt geproduceerd in Duitsland. De frisdrank in Kenia maken we in Kenia”, aldus Quincey.

Lokale toeleveringsketen
De lokale toeleveringsketen kan volgens de Coca-Cola-topman dus goed werken. Als onderdeel van het voedselsysteem en daarmee een essentiële dienstverlening, zorgt het dat productiesystemen en distributie blijven draaien. “We hebben wat problemen gehad met het goed timen van de aanvoer van ingrediënten, maar dat is al veel beter dan een paar weken geleden.”

Heropeningen
Hoewel er enkele shutdowns plaatsvonden, bleven de productiefaciliteiten van de frisdrankfabrikant, zoals de concentraatfabrieken en de bottelarijen, grotendeels in bedrijf. Daarbij heeft Coca-Cola aanpassingen gedaan om de veiligheid en beveiliging van werknemers te waarborgen. “Er zijn delen van de supply chain die 24/7 draaien. Sommige delen, zoals het aanbod voor frisdrankfonteinen, vullen we veel minder in. En dat zullen we moeten afhandelen als de geleidelijke heropeningen de komende maanden en kwartalen gaan plaatsvinden”, benadrukt Quincey.

Bron: Supply Management

Partner van Inkoperscafé:

Digitale transportmarktplaats draait op volle toeren in crisistijd

Quicargo groeide als digitale transportmarktplaats met maar liefst 240 procent in het eerste kwartaal van 2020. De omzet verdrievoudigde tijdens de uitbraak van het coronavirus. Zo meldt Supply Chain Magazine.

Tijdens de coronacrisis ervaren vervoerders een sterke afname van het aantal transportopdrachten. De verladers geven minder snel opdrachten. Quicargo vergroot juist in snel tempo zijn vervoerdersnetwerk. De Nederlandse start-up maakt het voor vervoerders mogelijk om extra verzendingen mee nemen en zo meer inkomsten te krijgen. De verladers profiteren tegelijkertijd van extra zekerheid dat hun zendingen ook allemaal echt worden uitgevoerd.

Transportplatform
De transportmarkt is sterk in beweging. Het aantal actieve verladers op het platform van Quicargo is dan ook sterk gestegen met een recordaantal van meer dan 550 actieve verladers in maart. Volgens CCO Sam Houwen biedt Quicargo vervoerders de mogelijkheid om dagelijks de beladingsgraden te optimaliseren door extra zendingen van het transportplatform te accepteren die goed passen in hun planning. “Tegelijkertijd kan het platform verladers garanderen dat iedere zending zal worden uitgevoerd, aangezien Quicargo profiteert van een groot netwerk van vervoerders.”

Bron: Supply Chain Magazine

Partner van Inkoperscafé:

MVO Nederland en Nevi roepen gezamenlijk op tot solidariteit en samenwerking in tijden van crisis

Crises halen het beste in mensen naar boven, wordt altijd gezegd. Dat zien we nu ook volop om ons heen: mensen tonen begrip, zijn solidair en helpen elkaar waar ze kunnen. Toch zijn er helaas ook uitzonderingen. En dat zien we net zo bij bedrijven. Enkele blijken zich schokkend egoïstisch op te stellen naar hun leveranciers.

De eerste reflex na het uitbreken van de coronacrisis in Nederland was er een van grote solidariteit. Mensen schoten massaal in de hulpstand, politici waren plotseling eensgezind, bedrijven boden belangeloos hun diensten aan. En nog steeds. We’re all in this together – dat drong meteen goed door, van Groningen tot Maastricht, in alle lagen van de bevolking. Alleen samen krijgen we corona onder controle.

Maar nu we een aantal weken verder zijn en allerlei problemen zichtbaar worden, lijkt dit sentiment bij enkele bedrijven te kantelen. Naast de vele hartverwarmende initiatieven komen er ook lelijke bijwerkingen van de crisis aan het licht. Terwijl de overheid en banken er alles aan doen om bedrijven financieel door deze moeilijke tijd te loodsen, grijpen tegelijkertijd sommige van hen de situatie aan om betaaltermijnen flink te verlengen of zelfs al hun betalingen tot nader order op te schorten. Enkelen wagen het om ook nog eens een flinke korting op hun facturen te eisen. Onbehoorlijk, en funest voor veel toeleveranciers. Zij moeten hiermee soms in plaats van de standaard zestig, maar liefst honderdtwintig dagen wachten op betaling. Met alle gevolgen van dien voor die toeleveranciers. En nog los van de gevolgen verderop in de keten.

Het ergste van dit alles: de betreffende bedrijven besluiten dit vaak eenzijdig, zonder enig overleg. Ze delen het plompverloren mede, via een brief of mail aan hun leveranciers. Het getuigt van korte-termijn-denken om in deze situatie puur en alleen voor je eigen business te gaan en problemen door te schuiven naar je leveranciers. En indirect naar alle leveranciers die daarachter zitten: hele ketens kunnen hiervan de dupe worden. Helaas komt dit soort praktijken vaker voor. Maar uniek aan de coronacrisis is dat dit gedrag niet alleen de eigen leverancier treft, maar dat diens concurrenten waarschijnlijk hetzelfde ondervinden. Een hele leveranciersmarkt wordt geraakt. De traditionele uitwijk – als de eigen leverancier onverhoopt omvalt – naar een alternatieve leverancier is straks dus niet meer zomaar mogelijk. Op deze manier ondermijnen bedrijven zelf het fundament waarop het succes van hun eigen organisatie drijft.

Hoe zou het dan wel moeten? In principe geldt voor elke professionele opdrachtgever: kom je contractuele verplichtingen netjes na, contract is contract. En bij continuïteitsproblemen: leg contact en wees transparant. Zoek vervolgens samen met je zakelijke partners naar oplossingen. Tref bijvoorbeeld (samen!) speciale betalingsregelingen, herzie het contract of haal de minder noodzakelijke extra’s eraf, verlaag bepaalde betalingen tijdelijk, of tref een uitstelregeling. Mogelijkheden te over, als het maar in overleg gaat. Contact is in deze periode belangrijker dan het contract.

Er zijn ook organisaties die geen last hebben van deze crisis of er zelfs van profiteren. Ook dan is dialoog en samenwerking met leveranciers belangrijk. Partijen in deze positie kunnen hun leveranciers bijvoorbeeld helpen door werk naar voren te trekken. Sommige overheidsorganisaties, banken en pensioenfondsen betalen leveranciers vooruit of verkorten hun betalingstermijn juist.

Deze crisis vraagt iedereen – dus ook bedrijven – zich van zijn beste kant te laten zien. Simpelweg omdat we niet zonder elkaar kunnen. Wanneer opdrachtgevers en leveranciers zich solidair tonen met elkaar, ontstaat een goede basis om hun samenwerking veilig te stellen en de komende jaren verder uit te bouwen.

Maria van der Heijden – MVO Nederland
Jeroen Harink – Nevi

Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres