Magnifying glass Close

Adblocker is geactiveerd!

Op deze website worden advertenties getoond. Van de advertenties wordt de redactie betaald. De redactie verzorgt het nieuws op deze website. Zonder advertenties geen nieuws. Zou je je adblocker daarom willen uitschakelen

Column: de Amerikaanse verkiezingen als (mislukte) aanbestedingsprocedure

Als bestuurskundige (een mengeling van onder meer politicologie en sociologie) volg ik altijd met grote interesse de Amerikaanse verkiezingen. Al is het alleen omdat wat in Amerika gebeurt ook op een gegeven moment overwaait naar Nederland en Europa.

Als de Amerikaanse verkiezingen worden beschouwd als een aanbestedingsprocedure, met een beetje fantasie zijn de kiezers de aanbestedende dienst en de kandidaten de gegadigden, doorstaan zij dan de marginale toets van een rechter als de verliezende partij bezwaar aantekent tegen de uitslag? De kosten die de gegadigden moeten uitgeven om tot een aanbieding te komen zijn hoog: vergelijk de ruim 28 euro per inwoner in Amerika (2020) met de minder dan drie euro per inwoner in Nederland (2016). De vraag is of dit nog proportioneel is. Grosso modo kan daarnaast worden gesteld dat de kandidaat met het meeste geld, wint.

Aan twee kanten van de aanbestedingsprocedure worden barrières opgeworpen: aan de vraagzijde worden kiezers middels administratieve rompslomp gehinderd hun stem uit te brengen. Denk hierbij aan het vooraf inschrijven als kiezer en gerrymandering.

Zoals hiervoor is genoemd, is de grootste barrière de omvang het campagnebudget, maar op de keper beschouwd ook de beperkte inschrijvingsmogelijkheden: De Amerikaanse verkiezingen zijn een soort meervoudig onderhandse aanbestedingsprocedure waarin twee “realistische” gegadigden zijn en wat meeloopoffertes worden ingediend. Het nadeel van de meeloopoffertes is dat dit soms ten koste gaat van de twee realistische gegadigden.

Waar in Nederland mondjesmaat, zij het met de nodige juridische uitdagingen, past performance wordt toegepast, wordt in Amerika past performance van de kandidaten (soms letterlijk) vanaf de geboorte in ogenschouw genomen. Een kandidaat moet vooral consistent zijn, niet van mening veranderen en mag niet buiten de lijntjes kleuren. Daarnaast (en dat is tegenstrijdig met voorgaande) worden partijen en kandidaten zelden afgerekend op het verschil tussen wat zij vier jaar geleden beloofd hebben en wat zij feitelijk hebben gedaan de afgelopen vier jaar.

Maar misschien hoeft de rechter in zijn marginale toets alleen naar het beoordelingskader (de EMVI-criteria zo u wilt) te kijken, of liever het ontbreken van een gelijkluidend beoordelingskader. De zwakheden van de opponent (in de 2020 verkiezingen bijvoorbeeld de dubieuze zakelijke relaties en de fysieke gesteldheid) worden bij de eigen kandidaat als niet relevant beschouwd. Hoe kan een eerlijke gunning plaatsvinden als gegadigden niet naast dezelfde meetlat worden gelegd? Dit staat los van het vraagstuk ten aanzien van de popular vote versus het kiescollege (kiesmannen) waarbij de kandidaat absoluut gezien de meeste stemmen heeft, niet wint.

De aanbestedingswet in Nederland is niet perfect maar als veel overwaait van Amerika naar Europa, moeten we er maar voor waken dat Amerikaanse invloeden op deze wet zo klein mogelijk blijven. Hopelijk blijven de Amerikaanse verkiezingen en de Nederlandse aanbestedingspraktijk twee separate interessegebieden.

Partner van Inkoperscafé:
Partner van Inkoperscafé:

Reacties

Partner van Inkoperscafé:
Sluiten

Inloggen met

of met e-mailadres